Zwangerschap, werk en COVID-19

Bijlage bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 26 maart 2020

1. Wettelijk kader

De Arbowet verplicht werkgevers om blootstelling aan ziekmakende agentia bij zijn werknemers te voorkomen. En 'daar waar de werknemer gevoeliger is voor nadelige effecten op de gezondheid dient aanvullende bescherming te worden geboden'. De Arbowet eist dus van werkgevers dat zij extra aandacht besteden aan zwangere vrouwen met het oog op beroepsgebonden gezondheidsrisico’s voor de werkneemster en het ongeboren kind (artikel 1.42 Arbobesluit).

2. SARS-CoV-2 en zwangerschap

COVID-19 is een luchtweginfectie die wordt veroorzaakt door SARS-CoV-2. Op basis van de huidige literatuur lijken zwangere vrouwen geen verhoogd risico te hebben om geïnfecteerd te worden met SARS-CoV-2, d.w.z. ze zijn niet ontvankelijker dan andere personen. Voor zover bekend is er ook geen verhoogde kans op een miskraam of aangeboren afwijking door infectie met het nieuwe coronavirus (zie onder Referenties). Maar naar verwachting zal een COVID-19-infectie bij een zwangere, net als sommige andere virale respiratoire infecties, ernstiger kunnen verlopen. Redenen hiervoor zijn het optreden van koorts en het risico op het ontstaan van complicaties zoals een pneumonie. Dit geldt met name voor het derde trimester (> 28 weken) van de zwangerschap, vanwege de mechanische beperking van de groeiende buik met als gevolg verkleining van de longcapaciteit. Dit geldt dus niet alleen voor SARS-CoV-2-infecties, maar ook voor andere luchtweginfecties.

Conclusie: ook bij COVID-19 blijft het (specifiek voor zwangere vrouwen wettelijk voorgeschreven) voorzorgsprincipe onveranderd en van belang. Werkgevers moeten bij het formuleren van hun arbobeleid hiermee rekening houden en in de risico-inschatting moet er altijd aandacht zijn voor specifieke zwangerschapsgebonden risicofactoren.*

In Nederland en de meeste andere landen worden zwangere vrouwen op basis van de recente literatuur niet beschouwd als medisch kwetsbare werknemers of als een hoogrisicogroep in engere zin. Omdat ook een andere infectie een zwangerschap nadelig kan beïnvloeden, moet alles in het werk worden gesteld om de kans op een onbeschermde blootstelling aan wat voor infectieziekte dan ook te voorkomen. Andere internationale richtlijnen en protocollen (bijvoorbeeld uit Canada, Australië, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten) betreffende risico’s voor zwangere vrouwen op de werkvloer ondersteunen bovenstaande conclusie en de onderstaande adviezen. Alleen het advies van het Verenigd Koninkrijk is voor een deel afwijkend (zwangere vrouwen, ongeacht de werkzaamheden, werken vanaf 28 weken zwangerschap bij voorkeur niet meer intramuraal in patiëntgebonden werkzaamheden; dit altijd in overleg met hun leidinggevende).

Aandachtspunten rond inzet van zwangere werknemers in Nederland

  • Met goede voorlichting en strikte toepassing van de gangbare hygiënemaatregelen, werkprotocollen en procedures geldend binnen specifieke beroepsgroepen (deze maatregelen moeten wel goed uitvoerbaar zijn) zijn zwangeren in principe in hun reguliere werk inzetbaar. Volg ook de geldende algemene en de specifieke adviezen voor werknemers van de Rijksoverheid.
  • Binnen de verschillende ziekenhuizen, instellingen, medische beroepsgroepen etc. kan hiervoor een eigen beleid worden opgesteld; hiervoor wordt verwezen naar de eigen werkgever/zorginstelling.
  • Op individueel niveau kan de bedrijfsarts anders adviseren en afwijken van het opgestelde beleid met een advies op maat over de beste aanpak.*
  • Een zwangere heeft recht op vrijstelling van werkzaamheden waarbij de zwangere blootgesteld kan worden aan COVID-19-positief geteste of voor COVID-19-verdachte patiënten/personen (neusverkouden of hoesten of koorts) en/of aan besmette materialen, of werkzaamheden verricht in een laboratoriumomgeving, indien zij zichzelf niet voldoende kan beschermen (= onbeschermd contact).
  • Goede informatievoorziening en voorlichting over het belang van het strikt en consequent werken volgens de bestaande hygiëne- en preventiemaatregelen, procedures en protocollen geldend voor specifieke beroepsgroepen/werkzaamheden is noodzakelijk.
  • Voor verscheidene beroepsgroepen in de extramurale zorg wordt momenteel beleid geactualiseerd en uitgewerkt op het gebied van beschermende maatregelen (zie https://lci.rivm.nl/covid-19/PBMbuitenziekenhuis).
  • Onder alle omstandigheden gelden de volgende preventiemaatregelen:
     
    • toepassen handhygiëne;
    • geen handen geven;
    • hoesten en niezen in de elleboog;
    • papieren zakdoekjes gebruiken;
    • social distancing van > 1,5 meter.

 

3. Uitgangspunten voor de praktijk

Het is aan (zorg)instellingen, koepelorganisaties en branches etc. om op maat beleid hierop verder vorm te geven. Onderstaande uitgangspunten zijn van toepassing op gezonde zwangeren, niet behorend tot de hoogrisicogroepen.

Zorgmedewerkers

Intramuraal
Zwangere zorgmedewerkers werkzaam in de intramurale setting zijn, wanneer zij zich adequaat en geheel volgens de gangbare procedures kunnen beschermen, in principe inzetbaar in alle werkzaamheden, ook rond COVID-19-patiënten (bewezen/verdacht). Dit in goed overleg met de leidinggevende en na afweging van andere mogelijke factoren die een rol kunnen spelen.* Factoren als zwangerschapstermijn, mogelijkheid tot social distancing zijn hierbij niet per se bepalend.

Extramuraal

  • < 28 weken: binnen deze termijn geldt in het algemeen dat, in goed overleg met de leidinggevende/werkgever en in lijn met de bestaande hygiënerichtlijnen, protocollen en procedures geldend voor die beroepen/werkzaamheden (en toezicht hierop), de normale werkzaamheden kunnen worden verricht door de zwangere medewerker.
  • ≥ 28 weken: Vanaf het 3e trimester geldt dat wanneer zwangere werknemers niet kunnen voldoen aan de ingestelde preventiemaatregelen zoals afstand houden van ≤ 1,5 meter bij COVID-19-verdachte personen (neusverkouden of hoesten of koorts) of bij COVID-19-bevestigde personen, zij passende werkzaamheden aangeboden krijgen, waarbij deze afstand wel gewaarborgd kan worden.

Voor overige beroepen gelden de uitgangspunten zoals beschreven bij extramurale zorgmedewerkers waarbij de duur van de zwangerschap in de context van social distancing een rol speelt.

* De inhoud van het werk en de individuele gezondheidsfactoren en werkomstandigheden vormen bij een zwangere werkneemster altijd het vertrekpunt. Het is van belang dat een zwangere vrouw in gesprek komt met haar werkgever/leidinggevende om in goed overleg en met gezond verstand te bekijken hoe de vrouw veilig en gezond haar taken uit kan blijven voeren; hierbij is altijd een individuele risico-inschatting en maatwerk nodig. Hierin adviseert de bedrijfsarts.

Referenties