Uitgangspunten PBM buiten het ziekenhuis

Bijlage bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 17 augustus 2020 (versiebeheer zie onderaan deze pagina)
 

Deze uitgangspunten hebben betrekking op het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) door zorgverleners buiten het ziekenhuis. Ze zijn geformuleerd op basis van veiligheid voor medewerkers (besmettingsrisico’s) in geval van (verdenking op) COVID-19. De uitgangspunten vragen om een nadere invulling per sector, rekening houdend met context en doelgroep. Als de specifieke situatie daarom vraagt, kunnen zorgmedewerkers op basis van hun professionele inzichten en ervaring beredeneerd afwijken van deze uitgangspunten.  

Zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis dienen altijd de algemene hygiënerichtlijnen te volgen:

  • Geen handen geven.
  • Regelmatig handen wassen.
  • Hoesten en niezen in de elleboog.
  • Papieren zakdoekjes gebruiken.
     

Daarnaast volgen de medewerkers de hygiënerichtlijnen voor hun beroepsgroep en specifieke beroepsmatige handelingen.

Vanwege COVID-19 kan het nodig zijn om extra PBM te gebruiken:

A. Ter bescherming van de medewerker bij een patiënt met (verdenking* op) COVID-19

Is er sprake van persoonlijke verzorging of lichamelijk onderzoek? Zo ja, wel PBM nodig.

PBM ter bescherming van de medewerker bij een voor COVID-verdachte patiënt bestaat uit een spatwaterdicht chirurgisch mondneusmasker type IIR, bril, schort en wegwerphandschoenen voor de medewerker (zie ook de tabel in paragraaf 'Preventieve maatregelen voor zorgmedewerkers in de richtlijn). 

PBM is niet nodig wanneer de afstand tot de patiënt meer dan 1,5 meter is.

* Er wordt gesproken van een verdenking als de patiënt klachten heeft die passen bij COVID-19 en/of in quarantaine verblijft op basis van een bron- en contactonderzoek of bij terugkeer uit een risicogebied/-land. Als hulpmiddel hierbij kan de gezondheidscheck worden uitgevoerd.

B. Ter bescherming van de patiënt bij een medewerker met (verdenking op) COVID-19

Het is van groot belang dat een zorgmedewerker (en hun huisgenoten) zich bij klachten verdacht voor COVID-19 direct laat testen. Totdat de testuitslag bekend blijft de zorgmedewerker thuis. Zie ook Testbeleid en inzet zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis.

Voor het beleid bij een zorgmedewerker die een huisgenoot heeft of een nauw contact is van een voor COVID-19 positief getest persoon en een zorgmedewerker die terugkeert uit een risicogebied/-land, wordt verwezen naar Testbeleid en inzet zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis. 

Versiebeheer

  • 17-08-2020: Handelwijze in geval van quarantaine toegevoegd en de mogelijkheid dat een zorgmedewerker kan werken in afwachting van de testuitslag verwijderd (conform Testbeleid en inzet zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis).
  • 29-05-2020: De aard van de klachten die een patiënt of medewerker moet hebben is verwijderd.
  • 01-05-2020: Toegevoegd: 'Deze uitgangspunten hebben betrekking op het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen door zorgverleners buiten het ziekenhuis. Ze zijn geformuleerd op basis van veiligheid voor medewerkers (besmettingsrisico’s) ingeval van (verdenking op) Covid-19. De uitgangspunten vragen om een nadere invulling per sector, rekening houdend met context en doelgroep. Als de specifieke situatie daarom vraagt, kunnen zorgmedewerkers op basis van hun professionele inzichten en ervaring beredeneerd afwijken van deze uitgangspunten.'  
  • 23-04-2020: De uitgangspunten zijn vereenvoudigd en ingekort. Het testen van een zorgmedewerker met klachten is toegevoegd.
  • 15-04-2020: Het uit voorzorg gebruiken van PBM bij patiënten die geen (verdenking op) COVID-19 hebben is niet nodig en gelet op de schaarste van PBM ook niet gewenst.
  • 20-03-2020: Eerste versie.
     

Zie ook veelgestelde vragen zorgmedewerkers.