Informatie voor ouders/verzorgers van klas- en groepsgenoten in basisonderwijs, voortgezet onderwijs en kindercentra

Informatiebrief bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 11 december 2020 (versiebeheer zie Overzicht informatiebrieven)
Deze versie is niet meer actueel en wordt op 25 januari 2021 aangepast.

 

Beste ouder/verzorger,

U krijgt deze informatie omdat uw kind contact heeft gehad met een kind of een medewerker op de opvang of school die positief getest is op COVID-19.

Wat betekent dit voor uw kind?

De kans is klein dat uw kind besmet is op de opvang of school. Daarom hoeft uw kind niet in quarantaine. Voor de zekerheid vragen we u wel om de gezondheid van uw kind goed in de gaten te houden, 10 dagen na het laatste contact met de persoon die positief is getest op COVID-19. School of de GGD informeert u tot wanneer dat is.

Neem contact op met de GGD als uw kind één van de volgende klachten krijgt:  

  • verkoudheidsklachten: neusverkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn;
  • (licht) hoesten;
  • plotseling verlies van reuk en/of smaak (zonder neusverstopping);
  • kortademigheid/benauwdheid;
  • verhoging óf koorts boven de 38 graden.

 

Met één of meer van deze klachten moet uw kind moet thuisblijven en mag uw kind geen contact hebben met mensen buiten het huishouden. In overleg met de GGD kan uw kind getest worden op COVID-19.  Als uw kind naast verkoudheidsklachten ook koorts heeft en/of benauwd is, dan moeten alle huisgenoten thuisblijven.

Wordt uw kind ernstig ziek of heeft uw kind medische hulp nodig? Ga niet naar de huisarts of het ziekenhuis toe, maar bel direct de huisarts.

Leefregels

Omdat uw kind in contact is geweest met een persoon die positief is getest, gelden een aantal leefregels. De leefregels gelden tot 10 dagen na het laatste fysieke contact met de persoon die positief is getest. Krijgt uw kind geen klachten binnen 10 dagen na het laatste contact met de persoon die positief is getest? Dan gelden daarna de algemene adviezen adviezen die op dat moment gelden in Nederland rondom COVID-19.

Hygiëne

  • Uw kind wast regelmatig zijn/haar handen met water en zeep. Uw kind doet dit altijd:
    • na hoesten en niezen;
    • nadat uw kind op het toilet is geweest;
    • voor het (bereiden van) eten.
  • Uw kind gebruikt voor het hoesten een papieren zakdoek. Heeft uw kind geen papieren zakdoek bij de hand? Leer het dan te hoesten in de plooi van zijn/haar elleboog.
  • Uw kind gebruikt een zakdoek maar 1 keer, gooit de zakdoek na gebruik weg, en wast daarna zijn/haar handen.

Afstand en social distancing

  • Zorg ervoor dat uw kind zoveel mogelijk drukte vermijdt.
  • Uw kind mag wel naar school en deelnemen aan groepsactiviteiten, zoals sporten.
  • Het is belangrijk dat uw kind 1,5 meter afstand (2 armlengtes) houdt van volwassenen die niet tot het huishouden behoren.

Achtergrondinformatie

Uit contact- en clusteronderzoek blijkt dat het risico op besmetting met COVID-19 in de opvang en op school beperkt is. Verspreiding van het nieuwe coronavirus bij kinderen vindt vooral plaats tijdens veel en intensief contact met andere kinderen in de vrije tijd. Denk bijvoorbeeld aan jongeren die bij elkaar thuiskomen.

Het is belangrijk voor het welzijn van een kind om naar school of de opvang te kunnen. Daarom is er voor gekozen dat kinderen niet in quarantaine hoeven als zij alleen in de klas of op school contact hebben gehad met de positief geteste persoon. Uw kind hoeft ook niet in quarantaine als uw kind in de klas naast het kind gezeten heeft waarbij COVID-19 is vastgesteld.

De GDD informeert u apart als uw kind toch in quarantaine moet. Als u twijfelt over het risico dat uw kind heeft gelopen, neem dan contact op met de GGD.

Uw kind hoeft geen afstand te houden tot de mensen in uw huishouden. Twijfelt u over het risico voor uzelf of andere huisgenoten? Bijvoorbeeld omdat u of een andere huisgenoot tot een risicogroep voor COVID-19 behoort? Overleg dan met uw behandelaar en de GGD voor advies op maat over uw situatie.