Hepatitis C - acuut

Versie december 2012

Dit stappenplan is een aanvulling op de LCI-richtlijn Hepatitis C 
Voor de achtergronden en het tot stand komen van dit stappenplan wordt u verwezen naar de algemene toelichting en de verantwoording op de RIVM website. De LCI spreekt zich niet uit over de taakverdeling tussen disciplines bij de uitvoering van de verschillende stappen. Daarvoor zijn de interne werkafspraken van de betreffende GGD leidend.
Doelen

  • De patiënt heeft inzicht in zijn/haar besmetting met het hepatitis C-virus, de transmissieroute en in behandelingsmogelijkheid.
  • Door middel van bronopsporing is de meest waarschijnlijke bron bekend (LCI-richtlijn).
  • De patiënt heeft inzicht in welke preventieve maatregelen hij/zij moet nemen om verspreiding naar andere personen te voorkomen.
  • De patient is zo nodig verwezen voor behandeling
  • Gegevens zijn verzameld voor surveillance.

Stap 1 Melding

Leg de melding of het signaal zorgvuldig en compleet vast met behulp van het basisregistratieformulier (of een vergelijkbaar registratieformulier).

  1. Verifieer of deze persoon al bekend is bij de GGD en of destijds alle hier genoemde stappen zijn genomen.
  2. Verifieer de diagnose bij de diagnosticerende arts voordat er contact wordt gelegd met betrokkene. De volgende aandachtspunten zijn in dit gesprek belangrijk:
    -Was de patiënt al bekend met hepatitis C?
    -Wat was de reden voor onderzoek?
    -Vertoont de patiënt ziekteverschijnselen of klinische afwijkingen die kunnen passen bij een recente hepatitis C-infectie in het afgelopen jaar? Te denken valt aan (milde) icterus of toenemende leverfunctiesoornissen. (LCI-richtlijn)
    -Behoort de patiënt tot een risicogroep voor het oplopen van Hepatitis C? (LCI-richtlijn) (o.a. harddrugsgebruikers, MSM met hiv, ongeteste bloedproducten voor 1992)
    -Is de patiënt op de hoogte van de diagnose?
    -Vraag de laboratoriumuitslag op als die niet van het laboratorium is ontvangen.
    -Informeer de behandelaar over de rol van de GGD, waaronder de te nemen actie naar de patiënt (zie ook 2.5 advisering). Maak afspraken over terugkoppeling.
    -Informeer bij de behandelaar of behandeling, dan wel regelmatige controles in deze situatie worden overwogen en of de patiënt gevaccineerd is tegen Hepatitis A en B. (LCI-richtlijn)
  3. Toets de melding aan de meldingscriteria (LCI-richtlijn). Alleen acute hepatitis C dient te worden gemeld in Osiris.
  4. Voer, indien het om een acute hepatitis C gaat, de melding in Osiris in.

Stap 2 Interventies

2.1 Planning

  1. Plan zo nodig een gesprek met de patiënt.
  2. Gebruik de Beslisboom Huisbezoek als handvat bij de beslissing om wel of niet op huisbezoek te gaan.

2.2 Bronopsporing en contactonderzoek

  1. Start brononderzoek indien er sprake is van acute of zeer recente hepatitis C- infectie (LCI-richtlijn).
  2. Ga na of er sprake kan zijn van iatrogene verspreiding van hepatitis C (transfusie, transplantatie, procedurefouten). Zo ja, bewaak bij een geval van posttransfusie of posttransplantatie of de behandelend arts dit gemeld heeft bij de betrokken bloedbank of de leverancier van het transplantaat.
  3. Contactonderzoek (LCI-richtlijn) wordt binnen families over het algemeen niet geadviseerd. Wel kan testen op HCV overwogen worden na risico-evaluatie;
    •    Wanneer zij zelf behoren tot een risico groep.
    •    Bij een HCV-positief intraveneuze druggebruiker is contactonderzoek weinig zinvol gebleken.
    •    Bij acute HCV bij MSM; vaste en losse seksuele partners na de laatse HCV-negatieve uitslag, informeren en testen.

2.3 Signaleren en verwijzen

  1. Verwijs naar een specialist, afhankelijk van de werkwijze van de GGD, voor verder onderzoek ofwel behandeling (LCI-richtlijn).
  2. Adviseer huisartsen alle HCV-patienten zonder behandeling door te verwijzen naar een behandelend specialist, in lijn met de verbeteringen op het curatieve vlak.
  3. Als de patiënt drager wordt, is vaccinatie tegen hepatitis A en hepatitis B aan te bevelen, na uitsluiten van immuniteit en dragerschap (wordt niet altijd vergoed door verzekeraar).
  4. Signaleer de lichamelijke, psychische en sociale aspecten als gevolg van de infectieziekte. Begeleid hierin de patiënt of zorg voor verwijzing.

2.4 Voorlichting 

  1. Bespreek met de patiënt de volgende zaken:
    •    transmissieroutes (bloed-bloedcontact en seksuele technieken, waarbij mogelijk bloed-bloedcontact ontstaat) en preventieve maatregelen (LCI-richtlijn).
    •    verticale transmissie.
    •    de seksuele overdracht binnen een monogame heterorelatie wordt nihil geacht, maar de ‘vrij veilig’-boodschap bij wisselende seksuele contacten blijft van belang. HCV is in opkomst als SOA bij hiv-positieve MSM.
    •    elk alcoholgebruik is af te raden (LCI-richtlijn).
    •    periodieke klinische controle is gangbaar, ter beoordeling van de behandelaar, met het oog op het eventueel starten van een behandeling.
    •    verstrek schriftelijke informatie, op basis van de ISI of de folder ‘Hepatitis C’.

2.5 Netwerk/advisering

  1. Bespreek met de huisarts (indien door hem/haar gemeld) de verwijzing naar een specialist (schriftelijk).
  2. Rapporteer je acties en adviezen (schriftelijk) terug aan de behandelaar en of de huisarts.

2.6 Registratie en rapportage

  1. Maak de melding in Osiris volledig.
  2. Leg alle activiteiten vast in een rapportage met datum, tijd en initialen (op papier en/of digitaal).

Stap 3 Evaluatie

  1. Beoordeel of de doelen behaald zijn.
  2. Overweeg de patient na 4 weken te benaderen om de ervaring met de GGD te evalueren ten behoeve van de kwaliteitsborging.
  3. Bespreek bijzonderheden (bijvoorbeeld clusters of risicopersonen) in een werkoverleg.
  4. Meld trends en bijzonderheden in het jaarverslag.