Veterinaire informatie bij LCI-richtlijn Hepatitis E
Doel van de veterinaire informatie bij een LCI (Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding )-richtlijn is om de GGD (Gemeentelijke gezondheidsdienst )-professional te voorzien van context die relevant kan zijn voor bestrijding van de infectieziekte bij de mens. Dit kan bijvoorbeeld bijdragen aan bronopsporing en begrip van de epidemiologie. Voor meer informatie zie Ontwikkeling LCI-richtlijnen.
Epidemiologie
Verspreiding in de wereld bij dieren
HEV-gt 3-virussen circuleren vooral bij varkens in Europa en Noord- en Zuid-Amerika. HEV-gt 4-virussen circuleren vooral bij varkens in Oost-Azië. Van herten en wilde zwijnen zijn veel minder
data beschikbaar maar voor zover die er wel zijn wijkt dit niet af van wat er gevonden wordt bij gehouden varkens in dezelfde geografische regio.
Voorkomen in Nederland bij dieren
HEV-infecties kunnen overal in Nederland en waarschijnlijk ook overal in Europa opgelopen worden. In alle landen van Europa waar varkens gehouden worden en onderzoek gedaan is na(ar HEV wordt een hoge seroprevalentie bij varkens gevonden. Producten van varkens die potentieel gecontamineerd kunnen zijn met HEV gt 3 kunnen over grote afstanden vervoerd worden en HEV gt 1,2 en 4 kunnen, en mogelijk gt 3, in waterige en gekoelde omgeving lang overleven (Van der Poel 2014).
Incubatieperiode bij dieren
Omdat er bij dieren weinig tot geen ziekteverschijnselen gerapporteerd worden ten gevolge van HEV-infecties bestaat er ook weinig informatie over incubatieperioden. Bij experimentele HEV-infecties met gt 3 bij varkens wordt na intraveneuze inoculatie virusuitscheiding waargenomen vanaf 2 dagen na infectie (Bouwknegt 2009). Bij contactinfecties was dit vanaf 5 dagen en bij orale inoculatie worden langere perioden tot virusuitscheiding gerapporteerd (Casas 2009).
Ziekteverschijnselen bij dieren
Bij dieren worden over het algemeen geen duidelijke klinische verschijnselen waargenomen ten gevolge van HEV gt3,4).
Transmissie bij dieren
De daadwerkelijke transmissierisico’s van de diverse routen zijn niet bekend. Het belangrijkste advies ter voorkoming van zoönotische transmissie van HEV lijkt vooralsnog om vlees van varkens en herten altijd voldoende te verhitten vooraf aan consumptie. Ook met betrekking tot schelpdieren zou dit raadzaam zijn.
Diagnostiek bij dieren
Bij het Centraal Veterinair Instituut in Lelystad kunnen monsters van dieren routinematig onderzocht worden op de aanwezigheid van HEV. Dit gebeurt door middel van RT-PCR. Indien gewenst kan het RNA in viruspositieve monsters geamplificeerd worden met specifieke PCR-assays en kan het op meerdere delen van het genoom gesequenced worden ten behoeve van verdere karakterisering van de betreffende virusstrain (Gt 1-4)
Natuurlijke immuniteit bij dieren
Na een infectie met HEV gt 3 zijn varkens geruime tijd beschermd tegen her-infectie (Sanford 2011). Het is niet bekend of her-infecties ook na langere tijd niet kunnen optreden.
Preventieve maatregelen bij dieren
Er is weinig toe te voegen aan de standaard richtlijn voor de preventie van HEV-infecties. Dit komt vooral omdat er onvoldoende bekend is over de attributie van de diverse potentiele transmissieroutes.
Behandeling bij dieren
Varkens (en ook wildlife) worden op geen enkele manier behandeld tegen HEV.
- Bouwknegt, M., Saskia A. Rutjes, Chantal B. E. M. Reusken, Norbert Stockhofe-Zurwieden, Klaas Frankena, Mart C. M. de Jong, Ana Maria de Roda Husman, Wim H. M. van der Poel (2009) The course of hepatitis E virus infection in pigs after contact-infection and intravenous inoculation. BMC Vet Res 5:7.
- Casas M, Pina S, de Deus N, Peralta B, Martín M, Segalés J. Pigs orally inoculated with swine hepatitis E virus are able to infect contact sentinels. Vet Microbiol. 2009 Jul 2;138(1-2):78-84.
- Kumar A, Beniwal M, Kar P, Sharma JB, Murthy NS. Hepatitis E in pregnancy. Int J Gynaecol Obstet 2004, 85:240-244.
- Sanford BJ, Dryman BA, Huang YW, Feagins AR, Leroith T, Meng XJ. Prior infection of pigs with a genotype 3 swine hepatitis E virus (HEV) protects against subsequent challenges with homologous and heterologous genotypes 3 and 4 human HEV. Virus Res. 2011 Jul;159(1):17-2.
- Kamar N, Bendall R, Legrand-Abravanel F, Xia NS, Ijaz S, Izopet J, Dalton HR.
- Hepatitis E. Lancet. 2012 Jun 30;379(9835):2477-88
- Poel van der WHM. Food and environmental routes of Hepatitis E virus transmission. Current Opinion Virology 2014 Feb;4:91-6.
- Bouwknegt, M., B. Engel, et al. (2008). "Bayesian estimation of hepatitis E virus seroprevalence for populations with different exposure levels to swine in The Netherlands." Epidemiol Infect 136(4): 567-576.
- Li X, Kamili S, Krawczynski K. Quantitative detection of hepatitis E virus RNA and dynamics of viral replication in experimental infection. J Viral Hepat 2006, 13:835-839.
- Teo CG: Much meat, much malady: changing perceptions of the epidemiology of hepatitis E. Clin Microbiol Infect 2010, 16:24-32.