Uitgangspunten testbeleid en inzet zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis

Bijlage bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 29 april 2022 (versiebeheer zie onderaan pagina) 

Onderstaand vindt u uitgangspunten voor een optimale inzet van gezondheidszorgmedewerkers buiten het ziekenhuis, werkzaam in de directe patiëntenzorg, gebaseerd op de gezondheid van de medewerkers en het risico op besmetting van patiënten/cliënten/collega’s. De uitgangspunten vragen om een nadere invulling per sector of instelling, rekening houdend met de patiëntenpopulatie en context. De Federatie Medisch Specialisten heeft een leidraad Testbeleid en inzet zorgmedewerkers in het ziekenhuis opgesteld.

De uitgangspunten zijn gericht op optimale infectiepreventie en patiëntveiligheid. Als een zorginstelling uitgaande van de Uitgangspunten niet meer in staat is essentiële zorg te leveren, kan de instelling besluiten om van de uitgangspunten af te wijken. Dit is een verantwoordelijkheid op bestuurlijk niveau van de instelling.

Deze uitgangspunten gelden ook als zorgmedewerkers tegen COVID-19 gevaccineerd zijn of de infectie hebben doorgemaakt. Want ook in de huidige transitiefase van COVID-19 blijft het belangrijk om bij alle zorgmedewerkers infecties met SARS-CoV-2 vroegtijdig op te sporen en maatregelen te nemen tegen verdere verspreiding.

    I Testbeleid en isolatie van zorgmedewerkers met klachten

    • Iedereen in Nederland met één of meer symptomen passend bij COVID-19 moet thuisblijven.
    • Iedereen met dergelijke klachten kan zich laten testen.
    • Totdat de testuitslag bekend is, moet de persoon met klachten thuisblijven. Het is van groot belang dat zorgmedewerkers zich bij klachten direct laten testen
       

    Zorgmedewerkers

    • met klachten die passen bij COVID-19; én
    • die onmisbaar zijn voor de (directe) patiëntenzorg en continuïteit van die zorg (dit geldt ook voor laboratoriumpersoneel); én
    • die niet vervangen kunnen worden door een collega, kunnen zich met voorrang laten testen bij de GGD-teststraten. Zij kunnen zich aanmelden via de Rijksoverheid. Hier is ook informatie opgenomen over welke zorgberoepen wel en welke beroepen niet in aanmerking komen voor testen met prioriteit.
       

    Voor het testen van zorgmedewerkers wordt de PCR-test geadviseerd omdat deze testen het meest gevoelig zijn voor SARS-CoV-2.² In de GGD-voorrangsteststraten voor zorgmedewerkers worden PCR-testen gebruikt. Indien een zorgmedewerker toch met een antigeensneltest is getest en de testuitslag is negatief, moet de test herhaald worden met een PCR-test. Bij een positieve antigeentest kan op dezelfde manier gehandeld worden als bij een positieve PCR-test.

    Als de testuitslag bekend is:

    • Indien de test negatief is, mag een zorgmedewerker met milde klachten (in ieder geval geen koorts) weer aan het werk. 
    • Indien de test positief is, blijft de medewerker met klachten thuis in isolatie tot ten minste 24 uur symptoomvrij EN 48 uur koortsvrij vanaf minimaal 5 dagen na start symptomen tot maximaal 10 dagen na start van symptomen.³
       

    ¹ Voor zorgmedewerkers die milde klachten zoals malaise en verhoging ontwikkelen direct in aansluiting op COVID-19-vaccinatie waarbij de klachten als bijwerking geduid kunnen worden, kan een uitzondering gelden. Hier is een zorgvuldige afweging nodig. Zie ook https://www.rivm.nl/covid19vaccinatieprofessionals/richtlijn-uitvoering.

    ² Zorgmedewerkers die niet in contact komen met kwetsbare cliënten/bewoners mogen gebruik maken van een zelftest (zie de LCI-richtlijn COVID-19 voor personen die als kwetsbaar worden beschouwd).

    ³ In bijzondere gevallen kan een langere isolatietijd nodig zijn, zoals bij aanhoudende klachten bij een persoon met een ernstige immuunsuppressie. Dit is maatwerk en hiervoor dient overleg met de behandelend arts en microbioloog plaats te vinden (zie ook COVID-19 | LCI-richtlijnen).

    1. Start symptomen = ook wel de eerste ziektedag. Indien deze niet bekend is kan de datum van de monsterafname genomen worden.
    2. Koortsvrij = temperatuur onder de 38 graden, zonder koortsremmende medicatie.
    3. Symptoomvrij van COVID-19 = geen koorts, geen hoesten, geen keelpijn, geen neusverkoudheid. Symptomen, zoals die bekend zijn bij de bevestigde persoon en/of behandelaar passend bij hooikoorts, astma, of chronische hoest om andere redenen, vallen niet onder symptomen van COVID-19. Het nog aanwezig zijn van moeheid, anosmie en dysgeusie speelt geen rol bij de definitie van symptoomvrij, want deze klachten kunnen een paar dagen tot weken na de eerste 5-10 dagen aanhouden, zoals bekend is bij andere virale verwekkers, zonder dat nog sprake is van besmettelijkheid. Als moeheid, anosmie en/of dysgeusie de enige symptomen na 5 dagen zijn, kan de isolatie daarom opgeheven worden.

    II Inzet van zorgmedewerkers zonder klachten

    Vanaf 19 april 2022 is het quarantaineadvies komen te vervallen. Wel gelden aanvullende adviezen na (bekend) risicocontact (contact met positieve huisgenoot, nauw contact) en is het van extra belang dat zorgmedewerkers met klachten zich (laten) testen en in afwachting van de testuitslag thuisblijven. 

    Zorgmedewerkers zonder klachten die huisgenoot of overig nauw contact zijn van een positief geteste persoon

    Om te voorkomen dat zij zorgmedewerkers hun patiënten of collega’s besmetten, gelden er aanvullende maatregelen:

    • Zorgmedewerkers mogen werken als een huisgenoot of overig nauw contact positief getest is op COVID 19.
    • Deze zorgmedewerkers nemen een zelftest af op dag 0 en dag 5 en als zij klachten krijgen (voor maatregelen bij klachten, zie I). Een negatieve zelftest bij klachten dient altijd geconfirmeerd te worden door een PCR test. Zie ook de tabel Testbeleid. Zorgmedewerkers die minder dan 8 weken geleden COVID-19 hebben gehad hoeven alleen te testen als zij klachten hebben.
    • De zorgmedewerkers dragen in de eerste 10 dagen na blootstelling met de positief geteste persoon tijdens het werk steeds een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II.
    • Zij houden in de eerste 10 dagen na blootstelling met de positief geteste persoon zoveel mogelijk 1,5 meter afstand van patiënten en collega’s.

     
    Indien de uitslag van de zelftest op dag 0 of dag 5 positief is, blijft de positief geteste zorgmedewerker thuis in isolatie in elk geval tot en met de 5e dag na de testafname.

    Voor zorgmedewerkers met klachten zie onder I.

    Duurzame inzetbaarheid van zorgmedewerkers

    Het uitgangspunt hierbij is dat werknemers gezond en veilig kunnen werken, ook met betrekking tot patiëntveiligheid. Alleen in uitzonderingssituaties, waarbij de continuïteit van zorg in het geding kan komen door dreigende personele krapte, is er ruimte voor uitzonderingen op thuisblijfmaatregelen voor zorgmedewerkers. De instelling/werkgever formuleert criteria (eventueel met benoemen van specifieke functies) wanneer de continuïteit van zorg in het geding komt en waarbij werknemers ten tijde van quarantaine bij uitzondering wel kunnen werken met gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Instellingen/werkgevers kunnen dit doen in overleg met de arbodienst/bedrijfsarts, verantwoordelijke voor de infectiepreventie en eventueel de GGD. De instelling/werkgever draagt hiervoor de eindverantwoordelijkheid. 

    Indien een medewerker vragen heeft over dit beleid, een wel/niet te maken uitzondering of zijn medische situatie (ook in het licht van de noodzaak te werken met PBM), heeft deze de mogelijkheid om contact op te nemen met een arbodienst/bedrijfsarts of eventueel de GGD voor een onafhankelijk advies.

    Versiebeheer

    • 29-04-2022: De definitie symptoomvrij van COVID-19 is aangepast conform de definitie in de richtlijn die reeds op 24-03-2022 was aangepast.
    • 21-04-2022: Vanaf 19 april 2022 wordt quarantaine niet meer geadviseerd. Wel worden zorgmedewerkers geadviseerd gedurende 10 dagen na laatste (nauw) contact PBM te gebruiken en op dag 0 en dag 5 een zelftest af te nemen. Ook blijft het nodig dat zorgmedewerkers met klachten zich laten testen en in afwachting van de testuitslag thuisblijven.
    • 14-04-2022: Geactualiseerd n.a.v. het 144e OMT betreffende de huidige transitiefase van COVID-19. Zorgmedewerkers die niet in contact komen met kwetsbare personen mogen gebruikmaken van een zelftest. 
    • 24-03-2022: Tekstuele verduidelijking
    • 25-02-2022: 'Minder dan 8 weken geleden COVID-19 doorgemaakt' is aangepast naar 'in 2022 COVID-19 doorgemaakt'. 
    • 23-02-2022: In deel I is de definitie van symptoomvrij aangepast aan de aangepaste isolatie-adviezen.
    • 18-02-2022: De isolatieduur voor positief geteste zorgmedewerkers is aangepast n.a.v. het 142e OMT-advies.
    • 28-01-2022: Tekstuele verduidelijking
    • 21-01-2022: Tekstuele verduidelijking
    • 20-01-2022: Het quarantainebeleid voor zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot of positief getest overig nauw contact is aangepast aan het nieuwe BCO-beleid op basis van het advies van het 138e OMT. Voor zorgmedewerkers gelden er aanvullende maatregelen om besmetting van kwetsbare patiënten en collega’s te voorkomen.
    • 24-12-2021: Het quarantainebeleid voor zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot of positief getest overig nauw contact is aangepast aan het nieuwe BCO-beleid vanwege de omikronvariant. Ook de inleidende tekst is aangepast op basis van de ontwikkelingen rondom de omikronvariant.
    • 14-12-2021: Het Afwegingskader ter ondersteuning van besluitvorming door zorginstellingen bij ernstig bedreigde zorgcontinuïteit is toegevoegd als bijlage. 
    • 03-12-2021: Wijziging definitie immuniteit na doorgemaakte infectie van 6 naar 12 maanden na infectie.
    • 19-11-2021: Het beleid voor immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot is aangepast n.a.v. het 129e OMT-advies. Er zijn tabellen toegevoegd om het beleid bij zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot of overig nauw contact te verduidelijken. In de inleiding is de vaccineffectiviteit tegen transmissie geüpdatet. De aandachtspunten i.v.m. de privacywetgeving zijn naar achteren verplaatst.
    • 06-09-2021: De definitie 'immuun' is aangepast op basis van het type vaccin dat ontvangen is.
    • 01-09-2021: De tekst onder de kop ‘Niet-immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot’ is aangepast: zij laten zich testen op dag 5 na het laatste contact met de positief geteste huisgenoot.
    • 23-07-2021: Onder de kop ‘Niet-immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot’ is een tekstuele aanpassing gedaan ter verduidelijking van het testbeleid op dag 5.
    • 16-07-2021: Tekstuele aanpassingen voor immune zorgmedewerkers met een positieve huisgenoot of een overig nauw contact (cat.2). De isolatieduur is van tot en met de 3e dag na de testafname, naar in elk geval tot en met de 3e dag na testafname. Daarbij is toegevoegd de optie van 5 dagen  niet werken bij een verhoogd risico op transmissie naar kwetsbare patiënten. Onder de kop inzet van zorgmedewerkers (zonder klachten) die terugkeren uit een hoog of  zeer hoog risicogebied is de tekst aangepast naar het actuele reizigersbeleid van de Rijksoverheid.
    • 08-07-2021: Bron- en contactonderzoek voor immuun- en niet immuun contacten aangepast n.a.v. 117e OMT-advies. Aandachtspunten i.v.m. privacywetgeving toegevoegd.
    • 21-04-2021: Verduidelijking definitie ‘volledig gevaccineerd’ en verduidelijking beleid na volledige vaccinatie bewoners.
    • 17-03-2021: Versoepelingen van quarantainemaatregelen doorgevoerd voor zorgmedewerkers binnen instellingen voor langdurige zorg waar de bewoners volledig gevaccineerd zijn n.a.v. het 102e OMT-advies.
    • 18-02-2021: N.a.v. de adviezen van het 97e OMT (22 januari) is het BCO-protocol aangescherpt en n.a.v. de adviezen van het 99e OMT is het document Handreiking bij neusverkouden kinderen aangepast. Deze wijzigingen zijn ook in dit document doorgevoerd:
      • De wijzigingen in de definities van contacten in het BCO-protocol zijn in dit document verwerkt met de toevoeging dat categorie 1- en categorie 2-contacten zich zo snel mogelijke laten testen naast de test vanaf dag 5 in quarantaine.
      • Zorgmedewerker die vallen onder categorie 3-contacten zijn toegevoegd. Zij hoeven niet in quarantaine, mogen werken en kunnen het advies krijgen vanuit de GGD om zich te laten testen.
      • Bovenstaande wijzigingen zijn ook doorgevoerd in het stroomschema. Bij de twee bovenste blauwe blokken is de tekst ‘en negatieve test zorgmedewerker’ ingevoegd. Categorie 3-zorgmedewerkers zijn niet in het stroomschema benoemd, omdat zij geen stappen doorlopen die passen in dit schema.
      • Voor zorgmedewerker die een huisgenoot hebben met klachten die passen bij COVID-19 en koorts en/of benauwdheid is de uitzondering van de kinderen in de leeftijd van 0-6 jaar komen te vervallen.
      • Indien een huisgenoot met klachten die passen bij COVID-19 en koorts en/of benauwdheid zich niet laat testen, blijft de zorgmedewerker thuis tot de huisgenoot ten minste 24 uur klachtenvrij is met een maximum tot aan 7 dagen na de eerste ziektedag.
      • Bovenstaande wijzigingen zijn ook in het stroomschema aangepast. Na het derde blauwe blok van boven volgen nu de opties ‘huisgenoot doet test’ en ‘huisgenoot doet geen test’.
    • 26-01-2021: Toegevoegd m.b.t.t reizigers hoogrisicolanden: Reizigers kunnen zich 5 dagen na terugkeer laten testen. Voor zorgmedewerkers is het advies om in deze situatie een PCR-test aan te bieden'.
    • 31-12-2020: Voor zorgmedewerkers die milde klachten zoals malaise en verhoging ontwikkelen direct in aansluiting op COVID-19-vaccinatie waarbij de klachten als bijwerking geduid kunnen worden kan een uitzondering gelden. Hier is een zorgvuldige afweging nodig. Zie ook https://www.rivm.nl/covid19vaccinatieprofessionals/richtlijn-uitvoering.
    • 01-12-2020: Toegevoegd dat uitgangspunten vragen om nadere invulling per sector of instelling. Nieuwe indeling: I Testbeleid en isolatie zorgmedewerkers met klachten en II Quarantaine en inzet van zorgmedewerkers zonder klachten. Voor het testen van zorgmedewerkers wordt een PCR-test geadviseerd. Bij negatieve uitslag antigeensneltest moet alsnog een PCR-test worden gedaan. Het quarantainebeleid is aangepast: PCR-test dag 5 en consequenties voor inzetbaarheid in verschillende situaties toegevoegd. Tevens schema toegevoegd om nieuwe beleid te verduidelijken.
    • 30-10-2020: Verduidelijking aangebracht bij II Inzet bij quarantaine, over het verschil tussen isolatie en quarantaine. 
    • 09-10-2020: De niet-limitatieve opsomming van de sectoren is verwijderd en vervangen door de – door Rijksoverheid gebruikte – definitie van zorgmedewerkers. De mogelijkheid van voorrang voor de test is toegevoegd. De genoemde klachten van een huisgenoot zijn aangepast naar klachten die passen bij corona en koorts of benauwdheid, conform de omschrijvingen elders.
    • 17-09-2020: Een link naar het eigen opgestelde beleid rondom testen en inzet van zorgmedewerkers in een ziekenhuis is toegevoegd.
    • 11-09-2020: De informatie over de Coronamelder-app is toegevoegd onder 'Wat te doen als een zorgmedewerker terugkeert uit een risicogebied/-land of een notificatie van de Coronamelder-app hebben gekregen?'.
    • 24-08-20: Meer eenduidigheid in beleid en aanpassing in lijn met algemeen verscherpt quarantainebeleid.
    • 19-08-2020: Op basis van het OMT-advies is de quarantaineperiode bekort van 14 naar 10 dagen, gerekend vanaf het laatste risicovolle contact of moment van mogelijke besmetting. Uit de nieuwste gegevens van het Nederlandse bron- en contactonderzoek blijkt: van alle contacten van een besmette patiënt die later zelf ziek werden, kreeg 99% COVID-19-klachten binnen 10 dagen na het laatste risicovolle contact.
    • 18-08-2020: De informatie over zorgmedewerkers die terugkomen uit een risicogebied/-land is ook toegevoegd aan de overzichtstabel.
    • 14-08-2020: Toegevoegd 'Wat te doen bij zorgmedewerkers die terugkomen uit een risicogebied/-land'.
    • 24-07-2020: Toegevoegd in 'Wat te doen als een huisgenoot of nauw contact van een zorgmedewerker positief is of klachten heeft?' dat, naast het chirurgisch mondneusmasker type II, de handschoenen gedragen moeten worden bij persoonlijke verzorging of lichamelijk onderzoek.
    • 11-06-20: Het beleid geldt voor de zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis. De maatregelen voor zorgmedewerkers in een bron- en contactonderzoek zijn aangepast. Ziekenhuizen zullen zelf apart beleid opstellen.
    • 04-06-2020: toegevoegd dat bij een positief geteste medewerker bron- en contactopsporing door de GGD volgt en wat een medewerker moet doen indien een van de huisgenoten of nauwe contacten positief getest is of klachten heeft.
    • 29-05-2020: klachten passend bij COVID-19 en testroute voor ziekenhuismedewerkers zijn aangepast.
    • 07-05-2020: Er hoeft niet gewacht te worden met testen tot er 24 uur symptomen zijn en de criteria voor werkhervatting na een positieve test zijn uitgebreid.
    • 06-05-2020: Ziekenhuizen toegevoegd, apart testbeleid ziekenhuizen is hiermee komen te vervallen.
    • 30-04-2020: De sectoren worden niet allemaal meer opgesomd en de voorwaarde voor het leveren van directe zorg binnen 1,5 m afstand is verlaten.
    • 28-04-2020: Het testbeleid voor de verschillende sectoren buiten ziekenhuis is vorige week drastisch aangepast, waarmee de verschillen onderling zo goed als nihil zijn geworden. Om deze reden is hier nu één testbeleid geformuleerd voor alle zorgmedewerkers buiten ziekenhuis. Dit beleid vervangt de vorige 'Uitgangspunten inzetten en testten zorgmedewerkers' en alle daarbij behorende nadere uitwerkingen per sector.
    • 17-04-2020: Een zorgmedewerker kan direct getest worden indien er symptomen zijn van COVID-19. Het proces tot aan en vanaf de testuitslag is beschreven.
    • 10-04-2020: jeugdzorg toegevoegd aan inzet en testbeleid
    • 08-04-2020: Prioritering testen voor zorgmedewerkers die werken met lichamelijk kwetsbare of oudere personen.
    • 07-04-2020: Bij koorts thuisblijven tot koortsvrij i.p.v. tot klachtenvrij; de vraag over een onbeschermd contact met bevestigde COVID-19-positieve patiënt is eruit gehaald; verschil in werken met lichamelijk kwetsbare of lichamelijk gezonde personen is verlaten.
    • 03-04-2020: Link naar uitwerking specifiek voor verloskundigen toegevoegd. Uitwerkingen voor huisartsenpraktijk, gehandicaptenzorg, verpleeghuizen, woonzorgcentra en kleinschalige woonvormen, wijkverpleging en huishoudelijke hulp zijn gewijzigd.
    • 01-04-2020: Link naar uitwerking specifiek voor zorgmedewerkers ziekenhuizen toegevoegd.
    • 31-03-2020: Link naar uitwerking specifiek voor zorgmedewerkers ambulancedienst toegevoegd.
    • 30-03-2020: Link naar uitwerking specifiek voor medewerkers gehandicaptenzorg, voor medewerkers verpleeghuizen, woonzorgcentra en kleinschalige woonvormen, en voor medewerkers wijkverpleging en huishoudelijke hulp toegevoegd.
    • 25-03-2020: Link naar uitwerking specifiek voor medewerkers huisartsenpraktijk toegevoegd.
    • 24-03-2020: Eerste versie (als 'Uitgangspunten inzetten en testen zorgmedewerkers').

       
      Zie ook 
      LCI-richtlijn COVID-19.