Handreiking reizen, toerisme en COVID-19

Bijlage bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 3 september 2021 (versiebeheer zie onderaan pagina) 

NB. Wijzigingen in het beleid worden door middel van (Lab)inf@ctberichten gecommuniceerd en daarna zo spoedig mogelijk verwerkt en op de website. Bij discrepanties is het (Lab)inf@ctbericht leidend boven deze Handreiking. Het overheidsbeleid rond reizigers kan snel veranderen. Het meest recente beleid voor reizigers is te vinden op de website van de Rijksoverheid.

Inleiding

In deze handreiking worden de verschillende maatregelen voor reizigers toegelicht. Maatregelen voor reizigers zijn afhankelijk van verschillende factoren, zoals of men van binnen of buiten de EU naar Nederland reist en de situatie in het land waar men vandaan komt. De maatregelen voor reizigers zijn door de Rijksoverheid vastgesteld en beschreven op de website van de Rijksoverheid.

Verder wordt in deze handreiking toegelicht welke maatregelen gelden voor mensen die Nederland uit reizen en positief getest zijn en welke gelden voor hun contacten.

Ook wordt het geldende beleid betreffende contactopsporing onder reizigers beschreven.

Bepaling van reizigersbeleid

Maatregelen voor reizigers die vanuit Nederland naar een ander land reizen worden bepaald door de autoriteiten van het land waar men heen reist. Andersom dienen inkomende reizigers zich aan de in Nederland geldende maatregelen te houden.

Per 8 augustus zijn de Nederlandse maatregelen voor reizigers uit gebieden met een verhoogd risico op COVID-19 aangescherpt.

De Nederlandse overheid bepaalt het beleid voor alle inkomende reizigers. Het ministerie van Buitenlandse Zaken is verantwoordelijk voor de bepaling van de risiconiveaus van verschillende landen en regio’s in de wereld en daarmee voor de kleurcoderingen voor reizigersadviezen.

De kleur oranje of rood wordt door de overheid ook gegeven aan landen waar een veiligheidsrisico is of aan landen waar Nederlanders niet welkom zijn voor niet-essentiële reizen. Deze landen zijn dus niet altijd een (zeer)hoogrisicoland voor COVID-19.

Testadvies teruggekeerde toeristen en reizigers

Voor terugkerende toeristen en reizigers naar Nederland vanuit de EU is door de overheid het volgende testadvies geformuleerd:

“Keert men terug uit een niet-groen land en beschikt men niet over een vaccinatie- of herstelbewijs is het advies van het kabinet om je op dag 2 en 5 na aankomst in Nederland zelf te testen of te laten testen. Dit kan men doen door middel van zelftesten. Men kan zich ook direct bij de GGD laten testen. Keert men terug uit een niet-groen land en beschikt men wel over een vaccinatie- of herstelbewijs is het advies bij terugkomst in Nederland: test jezelf. Indien men terugkomt met COVID-gerelateerde klachten, is er sowieso een indicatie een afspraak te maken bij de GGD voor een test. Ook als men een positieve testuitslag heeft van een zelftest wordt men verzocht een validatietest te laten uitvoeren bij de GGD.”

Inkomende reizigers van buiten de EU

Voor mensen die van buiten de EU naar Nederland willen reizen, geldt nog steeds het EU-inreisverbod. De landen en reizigers die hiervan uitgezonderd zijn staan beschreven op de website van Rijksoverheid.

Bij reizen naar Nederland vanuit een land buiten de EU geldt dat men vanaf 12 jaar volledig gevaccineerd moet zijn, recent hersteld moet zijn van een infectie of negatief getest moet zijn met een NAAT- of antigeentest. De afname van de NAAT-test is maximaal 48 uur voor vertrek en de antigeentest maximaal 24 uur voor vertrek.

Beleid voor reizigers terugkerend uit een zeerhoogrisicoland

Zeerhoogrisicolanden zijn landen buiten de EU met een incidentie >500/100.000/14d of een verdenking daarvan, of landen waar bedreigende COVID-19-virusvarianten (VOC’s) veel voorkomen.

Voor reizigers uit een zeerhoogrisicoland geldt dat men getest moet zijn voor vertrek naar Nederland met een NAAT- of antigeentest, waarvan de afname maximaal 48 uur (NAAT) respectievelijk 24 uur (antigeentest) voor vertrek was.

Voor reizigers die komen uit een zeerhoogrisicoland met een dreiging van import van VOC’s geldt een verplichte NAAT-test die maximaal 24 voor vertrek naar Nederland is afgenomen. Dit geldt voor deze VOC-landen ook indien men volledig gevaccineerd is. De NAAT-test mag maximaal 48 uur oud zijn voor vertrek, maar indien die ouder is dan 24 uur moet ook een negatieve antigeentest, max. 24 uur voor vertrek afgenomen, worden overlegd.

Reizigers die naar Nederland komen vanuit een zeerhoogrisicoland moeten na aankomst in Nederland 10 dagen in quarantaine. De quarantaine kan worden gestopt na een negatieve test vanaf dag 5. De quarantaine is verplicht vanaf de leeftijd van 12 jaar. Voor kinderen onder de 12 geldt per wet geen quarantaineplicht, maar voor deze kinderen geldt een dringend quarantaine-advies en ook een test op dag 5 na terugkomst. Zij mogen gedurende de quarantaineperiode in ieder geval niet naar school, KDV, BSO of sportclub.

Voor zorgmedewerkers geldt mogelijk een aangepast beleid, zie ‘Testbeleid en inzet zorgmedewerkers’. Sommige groepen zijn uitgezonderd van deze quarantaineplicht. Meer informatie hierover is ook te vinden op Rijksoverheid.nl.

Maatregelen bij een in Nederland positief getest persoon

Personen bij wie in Nederland COVID-19 wordt vastgesteld en die besmettelijk zijn, gaan in isolatie. Dit betekent dat zij niet kunnen reizen.

Nauwe contacten van een persoon waarbij in Nederland COVID-19 is vastgesteld (huisgenoten en overige nauwe contacten) worden geïnformeerd over het risico dat zij hebben gelopen. Zij worden conform het BCO-protocol geadviseerd over quarantaine en testen.

Quarantaine betekent ook dat mensen niet kunnen reizen. Alleen in overleg met de GGD kan hier van afgeweken worden, op voorwaarde dat het contact geen klachten heeft.

Alle personen die in Nederland zijn, kunnen zich laten testen in de teststraat van een GGD. Indien de test van de toerist of reiziger positief is:

  • wordt de uitslag gemeld bij de GGD in de regio waar de persoon verblijft;
  • blijft persoon de gehele periode van isolatie in Nederland en gaat hij/zij niet reizen, conform het beleid van andere EU-landen;
  • gelden dezelfde regels voor thuisisolatie als voor Nederlanders;
  • zal de betreffende GGD in overleg met de LCI bepalen of en hoe de reiziger veilig naar huis kan reizen als het voor de persoon die in isolatie is, toch noodzakelijk is om naar het land van herkomst te reizen. LCI informeert (via het Early Warning & Response System, EWRS) vooraf de public health-autoriteiten in het land van herkomst.
     

In uitzonderlijke situaties waarbij de index in Nederland positief getest is, maar al vertrokken is naar het buitenland en de GGD krijgt geen contact met deze persoon, kan dit door de betreffende GGD doorgegeven worden aan de LCI. Indien voldoende contactgegevens en verblijfsgegevens bekend zijn, wordt dit via het Nationale Focal Point gedeeld.

Maatregelen voor contacten van een COVID-19-patiënt

De GGD van de regio waar de index zich bevindt, voert het contactonderzoek uit en informeert contacten die in Nederland wonen of verblijven. Indien iemand contact is van een positief geteste reiziger:

  • informeert de GGD (of de index) ook Nederlandse contacten die tijdelijk in het buitenland zijn, bijvoorbeeld op vakantie, over het risico dat zij gelopen hebben conform het BCO-protocol;
  • blijven niet-Nederlandse nauwe contacten van een COVID-19-patiënt die in Nederland zijn de gehele periode van quarantaine in Nederland, conform het beleid van andere EU-landen. Zij mogen in de periode van quarantaine niet reizen en mogen in deze periode dus ook niet terugkeren naar het land van herkomst. De quarantaine kan afgebroken worden als vanaf dag 5 een test wordt gedaan en de uitslag daarvan negatief is. Dan mag er ook weer gereisd worden. Zonder test duurt de quarantaine 10 dagen;
  • wordt met het contact besproken waarom het van belang is om quarantaine te handhaven, ook als een reis naar het land van herkomst toch noodzakelijk is. Hierbij wordt benadrukt dat contact met andere mensen voorkomen moet worden. Reizen per vliegtuig of openbaar vervoer dient te worden vermeden. Buitenlandse autoriteiten worden in principe niet geïnformeerd als een asymptomatisch contact toch gaat reizen, tenzij er in het land van bestemming (vrijwel) geen COVID-19 voorkomt;
  • ook voor niet-Nederlandse huisgenoten en overige nauwe contacten die (nog) in het buitenland zijn, geldt dat zij geïnformeerd moeten worden over het risico dat zij hebben gelopen. Voorbeelden hiervan zijn personen met wie de index tijdens zijn besmettelijke periode nauw contact heeft gehad in het buitenland of in Nederland, en die nu niet meer in Nederland zijn. Contacten, zoals familieleden of vrienden, kunnen door de index zelf geïnformeerd worden. Als er nauwe contacten in het buitenland zijn die niet door de index geïnformeerd kunnen worden, zoals vliegtuigcontacten en andere voor de index onbekende personen (bijvoorbeeld bij een bijeenkomst, groepsreis, buitenlands bedrijf/zorginstelling), kan deze informatie via de LCI worden doorgegeven aan de gezondheidsautoriteiten in het betreffende land. De gegevens worden alleen doorgegeven als er voldoende identificerende gegevens bekend zijn van het contactmoment en/of het contact (bijvoorbeeld naam, telefoonnummer/e-mailadres, verblijfplaats/locatie, datum, organisator).

Beleid bij vliegtuigcontacten

Onderzoek naar de contacten in het vliegtuig, voor zowel passagiers als bemanningsleden, wordt uitgevoerd door GGD Kennemerland. Contactonderzoek van vliegtuigcontacten wordt opgestart als de index in de besmettelijke periode aan boord van een vliegtuig heeft gezeten. Gegevens van de index worden door de betreffende GGD doorgegeven aan GGD Kennemerland via het meldingsformulier (beschikbaar op GGD-Kennisnet of op de website van GGD Kennemerland).

De volgende vliegtuigcontacten worden als ‘overig nauw contact’ (categorie 2a) gedefinieerd: passagiers zittend binnen 2 stoelen afstand voor, achter en zijwaarts van de index (maximaal 24 contacten), waarbij het gangpad als een rij stoelen wordt beschouwd en vliegtuigcompartimenten/secties als grens (zie ook SeatGuru.com); bemanningsleden die intensief contact hebben gehad met de index (bijvoorbeeld omdat extra zorg is verleend).

Indien een bemanningslid besmettelijk was: passagiers met wie dit bemanningslid intensief contact heeft gehad (bijvoorbeeld omdat extra zorg is verleend) en direct samenwerkende collega’s die cumulatief meer dan 15 minuten contact hadden op minder dan 1,5 meter afstand. In de praktijk zullen dit vaak de bemanningsleden zijn die in hetzelfde compartiment/sectie hebben gewerkt. Deze overig nauwe contacten volgen het beleid voor categorie 2-contacten, waarbij hier ook de gevaccineerde contacten het advies krijgen zich te laten testen. Dit in lijn met het overheidsbeleid voor iedereen om je na een reis naar het buitenland bij terugkomst te testen. Overige bemanningsleden en andere medereizigers worden niet beschouwd als overige nauwe contacten.

Signalen over bronnen in het buitenland

Signalen over bronnen in het buitenland hoeven alleen in bijzondere gevallen doorgegeven te worden aan de LCI. Bijvoorbeeld als mensen vermoedelijk op een locatie in het buitenland zijn besmet waar veel mensen dicht bij elkaar waren, zoals op een festival. Of bij vermoeden van clusters gelinkt aan een buitenlandse locatie of bijeenkomst. Bij blootstelling in ruimtes of op een bijeenkomst waar over het algemeen 1,5 meter afstand kon worden gehouden (vliegveld, congres, hotel, camping, restaurant etc.) is geen actie noodzakelijk.

Praktische zaken

De GGD/veiligheidsregio draagt zorg voor toezicht op isolatie van de patiënt en quarantaine van de contacten. Als een toerist dit niet zelf kan regelen, draagt de GGD/veiligheidsregio zorg voor een geschikte isolatie-/quarantainelocatie.

Versiebeheer

  • 03-09-2021: Tekstuele wijzigingen.
  • 19-08-2021: De handreiking is op basis van nieuw beleid aangepast.
  • 06-07-2021: De handreiking is aangepast aan de laatste beleidsveranderingen. Voor reizigers die vanuit een COVID-19-hoog- of -zeerhoogrisicoland naar Nederland reizen gelden strikte eisen voor vertrek naar Nederland. Zie hiervoor www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-19/reizen-en-vakantie/verplichte-negatieve-covid-19-testuitslagen. Reizigers die in COVID-19-zeerhoogrisicolanden zijn geweest, worden verplicht om na aankomst in Nederland in quarantaine te gaan.
  • 03-02-2021: De handreiking is aangepast aan de laatste beleidsveranderingen. Reizigers kunnen getest worden vanaf dag 5 van de quarantaine. De quarantaine kan afgebroken worden als vanaf dag 5 een test wordt gedaan en de uitslag daarvan negatief is. Er mag dan ook weer gereisd worden. Zonder test duurt de quarantaine 10 dagen.
  • 30-11-2020 (15.00 uur): De handreiking is in lijn gebracht met het nieuwe protocol BCO per 1 december 2020: bij contacten geïdentificeerd vanuit BCO kan bij een negatieve PCR-test afgenomen op dag 5 na de blootstelling de quarantaine worden opgeheven. GGD Kennemerland voert nu de alle contactopsporingen van vliegtuigpassagiers uit.
  • 04-09-2020: De paragraaf over het informeren van niet-Nederlandse huisgenoten en overige nauwe contacten die (nog) in het buitenland zijn is aangepast.
  • 28-08-2020: De uitzondering voor zorgmedewerkers die afkomstig zijn uit risicogebieden/-landen is aangepast. Dit staat beschreven in het Testbeleid en inzet zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis. Hier wordt nu naar verwezen.
  • 19-08-2020: Op basis van het OMT-advies is de quarantaineperiode bekort van 14 naar 10 dagen, gerekend vanaf het laatste risicovolle contact of moment van mogelijke besmetting. Uit de nieuwste gegevens van het Nederlandse bron- en contactonderzoek blijkt: van alle contacten van een besmette patiënt die later zelf ziek werden, kreeg 99% COVID-19-klachten binnen 10 dagen na het laatste risicovolle contact.
  • 14-08-2020: Bij 'Personen die afkomstig zijn uit risicogebieden/-landen' uitzondering voor zorgmedewerkers opgenomen.
  • 31-07-2020: Bij 'Personen die afkomstig zijn uit risicogebieden/-landen' verwijzing opgenomen naar beleid voor overige nauwe contacten in Protocol BCO opgenomen. 
  • Gepubliceerd op de website: 20 juli 2020.