Vragen en antwoorden versoepeling van maatregelen in instellingen voor langdurige zorg na vaccinatie van de bewoners

21 april 2021 Zie ook LCI-richtlijn COVID-19.

Nu steeds meer bewoners van instellingen voor langdurige zorg volledig gevaccineerd zijn kunnen extra maatregelen om deze kwetsbare bewoners te beschermen geleidelijk worden afgebouwd. Naar aanleiding van het advies van het 102e en 106e OMT werden versoepelingen aangekondigd voor instellingen in de langdurige zorg. Het uitgangspunt bij de versoepeling van de maatregelen in instellingen voor langdurige zorg is dat een optimale balans wordt nagestreefd tussen veiligheid voor bewoners en medewerkers enerzijds en de impact van de preventieve maatregelen op het welbevinden van de bewoners anderzijds. In de bijlage bij het 106e OMT-advies wordt een kader gegeven voor de invulling van de maatregelen met voorwaarden en aandachtspunten voor eventuele versoepelingen van de maatregelen. Dit is verwerkt in de onderstaande vragen en antwoorden.

Om welke versoepelingen gaat het?

  • Bezoekregeling
  • Quarantainebeleid voor medewerkers en voor volledig gevaccineerde bewoners
  • Groepsgrootte (cohortgrootte) bij groepsactiviteiten
  • Toelaten vrijwilligers en contactberoepen
  • Scholing van medewerkers
     

Waar kunnen versoepelingen worden toegepast?

De hieronder besproken versoepelingen kunnen worden toegepast in instellingen voor langdurige zorg. Met 'instelling' bedoelen we een situatie in de ouderenzorg en de verstandelijk gehandicaptenzorg waarin bewoners (al dan niet tijdelijk) in groepsverband wonen. Veel van deze bewoners hebben een verhoogd risico op een ernstig beloop van COVID-19 op grond van hun leeftijd of onderliggend lijden. Bewoners van een instelling voor langdurige zorg komen veelvuldig in aanraking met andere bewoners en met meerdere verschillende zorgverleners. Daardoor wordt de kans op verspreiding van het coronavirus in de instelling vergroot. Naast bewoners of medewerkers kunnen ook bezoekers het coronavirus introduceren binnen (een locatie van) een instelling.

Wanneer kunnen de versoepelingen ingaan? Moeten alle bewoners gevaccineerd zijn?

De versoepelingen kunnen ingaan nadat de bewoners volledig gevaccineerd zijn. Daarmee wordt bedoeld dat alle bewoners een volledige vaccinatie hebben aangeboden gekregen. Het is niet nodig dat álle bewoners ook daadwerkelijk gevaccineerd zijn. Er zijn immers bewoners die niet gevaccineerd kunnen of willen worden. Zie ook de volgende vraag betreffende de vaccinatiegraad.

In instellingen voor langdurige zorg waar bewoners volledig gevaccineerd zijn, lijkt het risico op introductie en verspreiding van het virus onder kwetsbare bewoners binnen de instelling beperkt. Na volledige vaccinatie duurt het nog even voordat je maximaal beschermd bent door het vaccin. De tijd die hiervoor nodig is wisselt per vaccin. 2 weken na volledige vaccinatie ben je bij alle vaccins maximaal beschermd. Versoepelingen kunnen in principe in gaan 2 weken na volledige vaccinatie van de bewoners.

Bij welke vaccinatiegraad onder de bewoners is er sprake van groepsimmuniteit?

In een kleine groep is geen sprake van groepsbescherming als er ongevaccineerde personen aanwezig zijn. Bewoners binnen instellingen wonen veelal in een dergelijke kleine groep met veel onderlinge contacten. Bij een onverhoopte introductie van het coronavirus door een medewerker, bezoeker of bewoner lopen alle niet beschermde bewoners hoog risico op besmetting, doordat zij allemaal direct contact hebben met de besmettelijke persoon (kringbesmetting). Niet-gevaccineerde bewoners worden dan niet beschermd door wel-gevaccineerde groepsgenoten om hen heen (groepsimmuniteit). Dit gebeurt onafhankelijk van de vaccinatiegraad. Wel is de kans op introductie en verspreiding van coronavirus kleiner naarmate er meer bewoners en medewerkers gevaccineerd zijn.

Kunnen er ook versoepelingen worden doorgevoerd als de vaccinatiegraad binnen de instelling of locatie laag is?

Als indicatie voor een lage vaccinatiegraad kan minder dan 80% worden aangehouden. In dat geval valt te overwegen om binnen die instelling of locatie geen of minder versoepelingen door te voeren. De risico’s van versoepelen zijn hier groter dan in instellingen met een hoge vaccinatiegraad. Deze grens voor een lage vaccinatiegraad is enigszins arbitrair, omdat ook de omgevingsprevalentie, de mogelijkheid van bewoners om zich aan de algemene regels te houden en de kwetsbaarheid van de bewoners van invloed zijn. Al deze factoren moeten meegenomen worden bij de beslissing om versoepelingen door te voeren. Deze afweging kan in samenspraak met de (lokale) verwanten- en cliëntenraden van deze instellingen gemaakt worden. Het is hierbij mogelijk dat binnen een instelling op sommige locaties versoepelingen worden doorgevoerd, terwijl dat niet gedaan wordt op andere locaties omdat daar sprake is van een lage vaccinatiegraad.

Moeten de zorgmedewerkers gevaccineerd zijn voordat deze versoepelingen in kunnen gaan?

Nee, de versoepelingen kunnen ingaan nadat de bewoners volledig gevaccineerd zijn.

De zorgmedewerkers moeten wel uitgenodigd worden om zich te laten vaccineren. Een medewerker kan niet verplicht worden om zich te laten vaccineren of zijn werkgever te informeren over zijn vaccinatiestatus. Zorgorganisaties mogen op basis van de Algemene verordening gegevensbescherming ook niet registreren welke medewerkers zijn gevaccineerd. Het is dus niet mogelijk om de vaccinatiegraad onder medewerkers vast te stellen. We moeten ervan uitgaan dat een deel van de medewerkers zich niet zal laten vaccineren. Ook is vooralsnog niet bekend in hoeverre gevaccineerde personen het coronavirus kunnen verspreiden. Het risico op verspreiding van het coronavirus in de instelling is kleiner als de bewoners gevaccineerd zijn, maar er blijft altijd een risico bestaan dat een al dan niet gevaccineerde medewerker of bezoeker het virus introduceert in de instelling. Dit risico wordt verkleind door preventief gebruik van mondneusmaskers. Daarom moeten medewerkers vooralsnog - ook als de bewoners volledig gevaccineerd zijn - preventief een mondneusmasker blijven dragen en de basismaatregelen blijven toepassen.

Mensen jonger dan 18-jaar zijn nog niet gevaccineerd. Gelden de versoepelingen ook voor hen?

In principe gelden de versoepelingen voor alle bewoners. Wel kan het nodig zijn om op sommige locaties of bij sommige bewoners voorzichtiger te zijn, omdat er kwetsbare bewoners zijn die (nog) niet volledig gevaccineerd zijn. Het is goed om hierbij een lokale afweging te maken van noodzaak tot extra beperkende maatregelen en de impact van deze maatregelen voor het individu en de groep en organisatie als geheel.

Hoeveel bezoek mag een bewoner ontvangen?

De bezoekregeling kan verruimd worden naar 2 bezoekers per dag. Deze bezoekers mogen wisselen, de vaste 'bezoek-bubbel' kan dus worden losgelaten.

Het risico dat de bewoners lopen op infectie bij versoepeling van de maatregelen, dient afgewogen te worden tegen de impact van de huidige maatregelen op de kwaliteit van leven van de bewoners. Vanuit dat perspectief is het verdedigbaar om de bezoekregeling voor instellingen voor langdurige zorg te verruimen naar 2 bezoekers per dag. Daarmee geldt binnen instellingen voor langdurige zorg nu een ruimere bezoekregeling dan in de maatschappij. Echter, binnen instellingen is er op dit moment over het algemeen een aanzienlijk hogere vaccinatiegraad dan in de maatschappij. Uiteraard moeten de bezoekersstromen bij deze versoepeling wel veilig te reguleren zijn. Mogelijk moet daarvoor per locatie of instelling aangepaste afspraken gemaakt worden om bijvoorbeeld het aantal bezoekers per dag per locatie te beperken.

Aan welke infectiepreventiemaatregelen moeten bezoekers zich houden?

Het is noodzakelijk dat bezoek in de openbare ruimtes binnen de instelling gebruik blijft maken van mondneusmaskers en zich houdt aan de basis handhygiëne- en afstandregels. Het algemene advies blijft vooralsnog om mondneusmaskers ook op de eigen kamer van de bewoner te blijven dragen, zeker daar waar het niet mogelijk is om 1,5 meter afstand te houden tussen bezoeker(s) en de bewoner. Voor gevaccineerde bezoekers gelden vooralsnog dezelfde adviezen.

Echter, op de eigen kamer van een volledig gevaccineerde bewoner kan door 1 of enkele vaste bezoekers (bijv. partner of kinderen) afgezien worden van het dragen van een mondneusmasker en het afstand houden, zoals in de algemene maatschappij ook geen afstand wordt gehouden binnen gezinnen tussen partners, ouders en kinderen.  Bezoekers dienen dan bij voorkeur zelf ook volledig gevaccineerd te zijn of zich te laten testen voorafgaand aan het bezoek.

Bij bezoek buiten, zoals wandelen of buiten zitten, zijn de risico’s lager dan bij bezoek op de kamer van de bewoner. Daarom kan in die situatie PBM achterwege blijven. Waar mogelijk wordt 1,5 meter afstand gehouden.

Mogelijk kunnen deze infectiepreventiemaatregelen voor bezoek in de toekomst verder afgebouwd worden, als er meer bekend is over de effectiviteit van de vaccins tegen het verspreiden van het coronavirus. Ook infectiedruk in de maatschappij en vaccinatiegraad in de algemene bevolking zullen hierbij in de toekomst een rol spelen.

Sommige kwetsbare bewoners zijn niet gevaccineerd. Kunnen ze toch gebruik maken van de versoepelingen t.a.v. bezoek?

De mogelijkheid om het bezoek uit te breiden geldt in principe voor alle bewoners, dus ook voor niet-gevaccineerde bewoners. Maar voor individuele ongevaccineerde en kwetsbare bewoners kunnen de bewoner en/of diens vertegenwoordiger er in overleg met de instelling er voor kiezen om geen gebruik te maken van de versoepeling van de bezoekregeling om risico’s op infectie te beperken.

Welke versoepeling kan worden toegepast t.a.v. de quarantainemaatregelen voor bewoners?

Binnen instellingen voor langdurige zorg zijn de quarantainemaatregelen op dit moment strenger dan in de algemene bevolking vanwege de kwetsbaarheid van de bewoners.

2 weken na volledige vaccinatie is het risico op daadwerkelijke infectie na nauw contact met een besmette persoon naar verwachting veel kleiner dan bij ongevaccineerde bewoners. Daarom kunnen de quarantainemaatregelen bij volledig gevaccineerde bewoners versoepeld worden.

Een bewoner die in een BCO naar voren komt als nauw contact van een persoon die positief is getest op COVID-19 gaat in quarantaine en laat zich testen. De quarantaineduur voor een bewoner van een instelling voor langdurige zorg is 10 dagen. Vanaf 2 weken na volledige vaccinatie kan de quarantaine voor een bewoner na een negatieve PCR-test vanaf dag 5 beëindigd worden, conform de in de maatschappij geldende adviezen.

Welke versoepeling kan worden toegepast t.a.v. de quarantainemaatregelen voor medewerkers?

Een medewerker die in quarantaine moet na een nauw contact, kan pas na 10 dagen quarantaine de reguliere werkzaamheden hervatten indien deze met kwetsbare bewoners werkt. Echter, kwetsbare bewoners zijn 2 weken na volledige vaccinatie naar verwachting beschermd tegen ernstig verloop van COVID-19. Daarmee kan bij medewerkers de quarantaine beëindigd worden na een negatieve PCR-test vanaf dag 5 en kan de medewerker dan ook weer met de bewoners werken. De medewerkers moeten dan nog wel preventief een chirurgisch mondneusmaker ten minste type II dragen in elk geval tot dag 10. Dit geldt zowel voor gevaccineerde als ongevaccineerde medewerkers.

Welke voorwaarden gelden voor logeren en bezoek buiten de instelling?

Bij logeren en bezoek buiten de instellingen dienen algemene maatregelen die in de maatschappij gelden, zoals goede handhygiëne, te worden toegepast. Waar mogelijk wordt 1,5 meter afstand gehouden. Ook dient bij logeren het in de maatschappij geldende advies omtrent bezoekersaantallen etc. te worden opgevolgd. Verder is het belangrijk om het aantal adressen waar bewoners logeren of op bezoek gaan te beperken tot 1 of 2 adressen, omdat tijdens logeren sprake is van zeer intensief, langdurig contact en het opvolgen van de algemene maatregelen hierbij vaak niet mogelijk is. Na logeren bij deze vaste adressen hoeft de bewoners in principe niet in quarantaine, tenzij er zorgen zijn over mogelijke blootstelling aan het coronavirus.

Welke verruiming kan worden toegepast in groepsgrootte (cohorten) van bewoners bij groepsactiviteiten?

Om het aantal contacten te beperken, wordt er binnen instellingen

voor langdurige zorg gewerkt met cohortering (vaste groepen) van de bewoners, waarbij alle groepsactiviteiten binnen dezelfde vaste cohorten worden georganiseerd. Het valt te overwegen om de omvang van deze cohorten enigszins te verruimen. Daarbij moet rekening gehouden worden met de vaccinatiestatus van de bewoners, de kwetsbaarheid van de (ongevaccineerde) bewoners, de gevolgen voor de bewoners van het cohort in geval van een besmetting of uitbraak (quarantaine, testen en mogelijk isolatie van bewoners bij een positieve groepsgenoot). Instellingen moeten op organisatie- of zelfs locatieniveau afwegen welke groepsgrootte passend is voor de betreffende bewoners. Gezien de hoge infectiedruk en lage vaccinatiegraad in de maatschappij wordt nog steeds geadviseerd om geen cliënten of bezoekers van buiten de instelling toe te laten tot groepsactiviteiten. Organisaties in de verstandelijk gehandicaptenzorg kunnen eventueel overwegen om een of enkele externe cliënten toe te voegen aan een dagbestedingscohort. Hierbij moeten de zelfde overwegingen worden meegenomen als bij het eventueel verruimen van cohorten.

Kunnen er ook versoepelingen worden toegepast rondom testen en PBM-gebruik?

Nee, laagdrempelig testen (PCR) en het gebruik van PBM binnen instellingen voor langdurige zorg moeten voorlopig worden gecontinueerd. De werkzaamheid van het vaccin is niet 100%. In hoeverre gevaccineerden ondanks vaccinatie het coronavirus kunnen verspreiden, is vooralsnog niet bekend. Hoewel de verwachting is dat het risico op uitgebreide verspreiding kleiner zal zijn, is het belangrijk om preventief mondneusmaskergebruik door medewerkers te continueren. Daarnaast dienen gevaccineerde bewoners en medewerkers zich laagdrempelig te laten testen bij klachten die zouden kunnen passen bij COVID-19. De enige uitzondering hierop betreft 1 of enkele vaste bezoekers die onder voorwaarden op de kamer van de bewoner kunnen afzien van het dragen van een mondneusmasker en het afstand houden, zoals hierboven beschreven.

Kunnen er  vrijwilligers en contactberoepen worden toegelaten?

Er is nadat aan de bewoners volledige vaccinatie is  aangeboden geen bezwaar tegen bezoek of inzet van vrijwilligers. Ook voor de vrijwilligers geldt het advies om zich aan de algemene basisregels te houden, waaronder afstand houden en goede handhygiëne. Vrijwilligers dienen binnen de instelling een chirurgisch mondneusmasker minimaal type II te dragen, net zoals de zorgmedewerkers. Als de vrijwilliger zelf tot een risicogroep behoort, is het te adviseren om nog geen vrijwilligerswerk binnen de instelling te verrichten zolang zij niet gevaccineerd zijn.

Ook contactberoepen zoals kappers en (niet-medische) pedicures weer worden toegelaten in de instelling conform de voor hun beroepsgroep geldende richtlijnen. Wel dienen zij binnen de instelling een chirurgisch mondneusmasker minimaal type II te dragen om de kans op introductie van het coronavirus binnen de instelling te verkleinen.

Kan bijscholing van personeel hervat worden?

Om als zorgorganisatie goede kwaliteit van zorg te kunnen bieden, moet er voldoende geschoold personeel aanwezig zijn. Hoewel nog niet alle zorgmedewerkers in de langdurige zorg gevaccineerd zijn, is het nadat de bewoners van de instellingen in principe volledig gevaccineerd zijn, mogelijk om trainingen die essentieel voor de zorgverlening (zoals reanimatietrainingen en trainingen fysieke weerbaarheid) weer plaats te laten vinden met inachtneming van de basismaatregelen en/of voorafgaande test.

Er dient tijdens de trainingen zoveel mogelijk afstand gehouden te worden en zoveel mogelijk gebruik gemaakt te worden van PBM volgens de geldende richtlijnen. Waar het tijdens de training niet mogelijk is om onderling afstand te houden en/of een mondneusmasker te dragen, kan binnen de training in vaste duo’s of groepjes gewerkt worden om het risico op eventuele  besmettingen te beperken.

Voorafgaand aan de training is triage van de deelnemers van groot belang. Deelnemers dienen klachtenvrij te zijn en voor,   de training getest te worden als niet aan de basismaatregelen voldaan kan worden. Omdat het om medewerkers zonder klachten gaat, kan hier gebruik gemaakt worden van een in Nederland gevalideerde antigeen sneltest. Hierbij heeft een professioneel afgenomen antigeen sneltest de voorkeur. Bij inzet van een zelftest is er een risico op verkeerde afname waardoor de betrouwbaarheid lager is. De gevolgen  van introductie van het coronavirus door een fout-negatief geteste medewerker binnen een team zorgmedewerkers en daarmee mogelijk binnen de instelling zijn groot . Ook zullen (een deel van) de deelnemers in quarantaine moeten als een van de deelnemers later positief blijkt, hetgeen een grote impact kan hebben op de organisatie van de zorg.

Versiebeheer

  • 21-04-2021: Adviezen 106e OMT opgenomen in Q&A: definitie hoge/lage vaccinatiegraad verduidelijkt; op eigen kamer kunnen gevaccineerde bewoners één of enkele vaste bezoeker(s) ontvangen zonder mondneusmasker en zonder afstand te houden; adviezen t.a.v. inzet vrijwilligers en contactberoepen, cohorten bewoners en dagactiviteiten, en scholing personeel.
  • 18-03-2021: Publicatie