Verdenking COVID-19 op vrachtschepen in B-havens

Informatiebrief GGD’en

NB. Dit document is een voorlopig advies en mogelijk aan verandering onderhevig. Versie: 19 augustus 2020.

Achtergrond

Hoewel normaliter schepen met aan boord een verdenking van een A-ziekte bij voorkeur naar de A-haven (de haven van Rotterdam) worden geleid, is dit voor COVID-19 niet het advies. In principe wordt iedere B-haven geacht zelf een schip met een verdenking aan boord te kunnen ontvangen. Enkel in overleg met GGD Rotterdam-Rijnmond en de LCI/het RIVM kan worden besloten een schip toch naar Rotterdam te sturen. Om B-havens hierbij te ondersteunen is dit adviesdocument opgesteld. 

Omdat zowel zee- als riviercruises zijn gestopt met varen met passagiers, maar de vrachtvaart naar verwachting door zal varen, richt deze handleiding zich op omgang met (zee)vrachtschepen in B-havens. Allereerst staat hieronder een advies voor de stappen rond de melding van een schip. Indien eigen beleid al is uitgewerkt, mag dat ook worden uitgevoerd. We leveren referenties naar informatiebrieven voor opvarenden. Daarna volgt een Q&A rond de afhandeling van een melding van personen met klachten passend bij COVID-19.

Stappenplan

Stap 1. Actief opvragen gezondheidsinformatie

Van alle schepen die een internationale reis maken dient actief de Maritime Declaration of Health (MDoH) te worden opgevraagd.

Wanneer een MDoH nog niet beschikbaar of niet volledig is, dient alvorens het schip de haven aandoet actief te worden opgevraagd:

  • Eventuele klachten van bemanningsleden die kunnen passen bij COVID-19 zoals verkoudheidsklachten (neusverkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn etc.),
    (licht) hoesten, plotsteling verlies van reuk en/of smaak,
     benauwdheid, verhoging óf koorts boven de 38 graden.
  • Eventueel aan boord getroffen maatregelen, zoals:
    1. Preventieve/hygiënische maatregelen ter voorkoming van de verspreiding van COVID-19.
    2. Isolatie van personen met klachten passend bij COVID-19.
    3. Overige genomen maatregelen (bijv. diagnostiek of quarantaine).
  • Of er contact is geweest met een Radio Medische Dienst en waarom.
     

Op basis van de aangeleverde informatie beslissen havenautoriteit en/of GGD volgens de lokaal afgestemde procedure het volgende:

  • Geen personen aan boord met klachten passend bij COVID-19: Er is geen medische beperking om een schip aan te laten lopen. Einde van dit stappenplan.
  • Wel personen aan boord met klachten passend bij COVID-19: Het schip gaat tot nader order in quarantaine. De havenautoriteit draagt er zorg voor dat niemand het schip verlaat en er geen goederen worden geladen of gelost. Alle betrokken ketenpartners worden geïnformeerd. Ga door met Stap 2.

Stap 2. Overleg

Havenautoriteit en GGD stemmen af welke maatregelen genomen moeten worden en welke ketenpartners betrokken moeten worden. De GGD betrekt indien nodig de havenarts, een arts aan boord van het schip, een huisarts of de Radio Medische Dienst. Zie ook de overwegingen in de Q&A hieronder.

Stap 3. Informeren en maatregelen treffen

De te nemen maatregelen worden medegedeeld aan de kapitein. Op basis van de Wpg kan de burgemeester dan wel de voorzitter van de Veiligheidsregio de reder opdragen om voorlichting aan bemanning/passagiers te geven over het nemen van maatregelen ter voorkoming van infectie of maatregelen van technisch-hygiënische aard uit te voeren op het schip. In de praktijk zal de GGD met de havenautoriteit de maatregelen aan de bemanning opdragen.

Stap 4. Melden aan de volgende haven van bestemming

Zowel wanneer er een persoon met klachten passend bij COVID-19 aan boord is van een schip dat uitvaart voordat alle testresultaten bekend zijn, als wel indien in de eigen haven iemand met COVID-19 van boord is gehaald, dient de GGD dit aan de volgende havenbestemming van het schip te melden. Ook de kapitein van het schip moet aan de volgende haven de situatie weer melden.

Ook doet de GGD in samenwerking met een Ship Sanitation Inspecteur een melding in het SHIPSAN ACT Information System (SIS). Beschrijf in de melding in ieder geval de gebeurtenis, de situatie aan boord, het moment van vertrek uit de haven, de eerstvolgende bestemming van het schip en de daar geschatte aankomsttijd en -datum.

Informatiebrieven voor opvarenden

Er is een informatiebrief voor opvarenden beschikbaar met algemene hygiëne-adviezen en informatie over wat te doen bij een verdenking van COVID-19 aan boord. Deze brieven worden regelmatig geupdatet en zijn te vinden via de website van de Kustwacht Nederland.

Vragen en antwoorden

Kan ik schepen met personen met klachten die passen bij COVID-19 aan boord doorverwijzen naar de A-haven?

Indien je een schip wilt doorverwijzen naar de A-haven, de haven van Rotterdam, moet dit vooraf met GGD Rotterdam-Rijnmond overlegd worden. Gezien de wijdverspreide transmissie van COVID-19 kan het voorkomen dat ook B-havens schepen met personen met klachten passend bij COVID-19 aan boord moeten ontvangen.

Wanneer test ik personen met klachten die passen bij COVID-19?

Iedereen met klachten passend bij COVID-19 kan getest worden. Voorbeelden van situaties waar dit van extra belang is: personen met onderliggend lijden bij de patiënt of een geplande wekenlange zeereis voor de boeg.

Waar verblijft een persoon met klachten die passen bij COVID-19?

Een persoon met klachten passend bij COVID-19 blijft in principe aan boord. Deze persoon moet een eigen hut krijgen met afvoerlucht naar buiten (geen circulerende lucht). Indien er op het schip onvoldoende isolatiemogelijkheid is, moet een alternatief verblijf aan de wal worden gezocht (thuis/elders). Betrek hierbij ook de ketenpartners, waaronder de zeehavenpolitie, ter beoordeling van wettelijke bijkomstigheden. De reder is primair verantwoordelijk voor het vinden van de verblijfplaats. Indien het de reder niet lukt dit te regelen, wordt de GGD of Veiligheidsregio geïnformeerd. De GGD of Veiligheidsregio kan vervolgens meezoeken naar een isolatielocatie. Overweeg om personen met klachten passend bij COVID-19 behorend tot de risicogroep (ouderen met onderliggend lijden) sowieso van het schip te halen.

Wanneer moet een persoon met klachten passend bij COVID-19 door een arts worden gezien?

Bij koorts > 38 graden en moeite met ademhalen dient in ieder geval een arts te worden geraadpleegd. Daarvoor wordt bij schepen op zee de Radio Medische Dienst betrokken. In de haven is een huisarts beschikbaar volgens lokale afspraken. Is bij een acute noodsituatie of een opname-indicatie een ambulance nodig om de patiënt te vervoeren dan dient deze vooraf geïnformeerd te worden over een verdenking op COVID-19.

Wie zijn de nauwe en overige (niet nauwe) contacten van een persoon aan boord met  COVID-19 en welke maatregelen zijn er voor hen?

Nauwe contacten zijn contacten die meer dan 15 minuten op minder dan 1,5 meter afstand van de patiënt zijn geweest in diens besmettelijke periode. De besmettelijke periode begint 2 dagen voor de eerste ziekteverschijnselen. Hutgenoten van een persoon met klachten passend bij COVID-19 worden beschouwd als nauwe contacten. Alle nauwe contacten moeten 10 dagen in quarantaine verblijven. Overige contacten dienen hun eigen gezondheid te monitoren en bij klachten in isolatie te gaan (thuis of op het schip) en zich te laten testen.

Bij voorkeur krijgt iedereen op het schip een eigen hut.

Mag een schip met personen met klachten passend bij COVID-19 aan boord vertrekken?

Een schip mag vertrekken. Wel is het aan te raden per geval een inschatting te maken. Hierbij kan het advies van een GGD-arts of huisarts worden betrokken. Bij voorkeur worden de bemanningsleden met klachten getest op SARS-CoV-2 om duidelijk te krijgen wat er aan de hand is. Het merendeel van de populatie aan boord is meestal gezond en relatief jong, voor deze personen is het risico op een ernstig ziektebeeld relatief laag. Altijd dient de volgende haven geïnformeerd te worden.

De scheepsvaart valt onder de vitale beroepen, wat heeft dit voor invloed op het testbeleid onder beroepsvaarders?

Dit heeft geen invloed op het testbeleid.

Wat als pas achteraf blijkt dat er een COVID-19-patiënt (naderhand laboratoriumbevestigd) aan boord was?

Neem contact op met het schip en de aankomende haven. Hiervoor is ondersteuning van de Radio Medische Dienst en de Nederlandse Kustwacht beschikbaar via het telefoonnummer 0223 542300. Adviseer het schip medisch advies in te winnen volgens eigen procedure, de verdachte gevallen te isoleren aan boord en het schip om in quarantaine te gaan tot nadere instructie van de autoriteiten in de volgende haven.

Hoe ga ik om met vervoer van personen met klachten passend bij COVID-19 naar locaties op de wal?

Zie hiervoor de bijlage bij de LCI-richtlijn Noodzakelijk zittend vervoer.

Versiebeheer

  • 19-08-2020: Op basis van het OMT-advies is de quarantaineperiode bekort van 14 naar 10 dagen, gerekend vanaf het laatste risicovolle contact of moment van mogelijke besmetting. Uit de nieuwste gegevens van het Nederlandse bron- en contactonderzoek blijkt: van alle contacten van een besmette patiënt die later zelf ziek werden, kreeg 99% COVID-19-klachten binnen 10 dagen na het laatste risicovolle contact.
  • 12-06-2020: De bijlage is aangepast aan het nieuwe BCO-protocol.
  • 14-04-2020: Eerste versie.