Handleiding COVID-19 in voedingsindustrie, landbouw en groothandel

Bijlage bij de LCI-richtlijn COVID-19 | Versie 30 augustus 2021 (versiebeheer zie onderaan pagina) 

Achtergrond

Deze handleiding omvat de sectoren als landbouw, groothandel en voedselindustrie waar veelal (tijdelijke) medewerkers (zoals arbeidsmigranten) werkzaam zijn, die naast samen werken ook samen wonen. Voorbeelden zijn de vleesindustrie (slachthuizen, vleesverwerking),  fruitteelt, visserij en logistieke dienstverlening. De handleiding is bedoeld voor de GGD/NVWA als er binnen bedrijven in de landbouw, voedselindustrie en groothandel medewerkers positief zijn getest op SARS-CoV-2. Dit is een levend document en het wordt aangepast wanneer nieuwe inzichten zijn verkregen door verder onderzoek.

Om verspreiding van COVID-19 tegen te gaan, is het basisadvies voor heel Nederland dat iedereen met klachten van hoesten en/of neusverkoudheid en/of benauwdheid en/of koorts en/of plotseling verlies van reuk en/of smaak thuis blijft en zich laat testen op COVID-19. Indien een huisgenoot koorts of benauwdheid heeft, dan hoeven huisgenoten niet thuis te blijven in afwachting van de testuitslag bij de huisgenoot. Als contact van een bewezen positief geval dient men zich ook te laten testen op of rond dag 5 en in sommige gevallen direct na vaststelling bij de index. Kijk voor de geldende maatregelen in het LCI-protocol bron- en contactonderzoek COVID-19. Hierin wordt o.a. het onderscheid gemaakt tussen niet-immune en immune contacten. 

Deze algemene maatregelen gelden ook voor medewerkers werkende in de voedselindustrie, landbouw en groothandel. Symptomen van COVID-19 waarbij een werknemer (ook NVWA) thuis moet blijven en waarvoor een testindicatie bestaat, zijn door hemzelf aangegeven of door middel van externe triage/gezondheidscheck.

Indicaties voor diagnostiek: 

Vanaf 1 juni 2020 moet iedereen in heel Nederland met klachten passend bij COVID-19 thuisblijven. Iedereen met klachten kan zich laten testen. Zie de instructies op Rijksoverheid.nl. Ook voor personen met een herinfectie kunnen andere adviezen gelden, zie paragraaf Maatregelen.

Bij een positieve testuitslag dient bron- en contactonderzoek ook binnen een bedrijf goed uitgevoerd te worden. Het bedrijf bezoeken heeft een grote toegevoegde waarde en geeft een goed beeld van de werksituatie (voorbeeld Handleiding werkbezoek clusters GGD Zeeland beschikbaar op besloten platform Viadesk).

Binnen de landbouw, groothandel en voedselindustrie werken vaak veel arbeidsmigranten. De specifieke situatie omtrent arbeidsmigranten vraagt om maatwerk. Wanneer arbeidsmigranten betrokken zijn bij een uitbraak binnen deze setting, dan is het advies om, naast de omstandigheden op de werklocatie bij het bron- en contactonderzoek, ook aandacht te besteden aan de woonlocatie en het transport. Dit blijkt uit eerdere casuïstiek. Arbeidsmigranten wonen vaak dicht op elkaar en ondernemen veel sociale activiteiten met elkaar.

Het verblijf kan ongeschikt zijn voor individuele thuisisolatie. Ga ook na of het quarantaineverblijf (bijv. als werknemers net nieuw aankomen in Nederland) hetzelfde is als het isolatieverblijf van de indexen. De migranten spreken niet altijd Nederlands en het is niet zeker in hoeverre zij de algemene adviezen met betrekking tot social distancing en thuisblijven bij klachten meekrijgen.

Daarnaast dient er in de anamnese extra aandacht te zijn voor cultuurverschillen in beleving en presentatie van klachten en de invloed van economische motieven. Binnen de landbouw, voedselindustrie en groothandel werken arbeidsmigranten van verschillende nationaliteiten, zij wonen in verschillende regio’s en soms ook over de landsgrenzen. Het vervoer van en naar het werk vindt vaak groepsgewijs plaats. Het komt voor dat zij regelmatig van werklocatie wisselen. Al deze factoren kan de verspreiding van SARS-CoV-2 in de hand werken en het bron- en contactonderzoek bemoeilijken.

Bron- en contactonderzoek

Er dient brononderzoek plaats te vinden om transmissieketens vast te stellen. Zie hiervoor LCI-protocol bron- en contactonderzoek COVID-19. Denk hierbij aan mogelijke bronnen in:

  • thuissituatie(s): wonen op één locatie met een groep (buitenhuis groepsvorming, sociale bijeenkomsten zoals op een vakantiepark);
  • transport: woon-werkverkeer (busjes met personen uit verschillende huishoudens, geen 1,5 meter afstand tijdens vervoer);
  • werklocatie(s): werkzaam op verschillende werklocaties;
  • uitzendbureau: overkoepelende organisatie waardoor er transmissie tussen bedrijven kan zijn door gezamenlijk wonen en transport. 

NB. In specifieke situaties zoals bij arbeidsmigranten vraagt bron-en contactonderzoek om een geïntensiveerde aanpak, alleen al vanwege taalbarrière en het opvolgen van maatregelen.

Betrek ook het uitzendbureau bij het BCO (voorbeeldbrief naar  uitzendbureau en folder in verschillende talen wat BCO inhoudt voor arbeidsmigranten; beide zijn beschikbaar op het besloten platform Viadesk).  Denk nog aan het delen van testuitslagen met de lokale GGD over de grens, zowel positieve als negatieve uitslagen. 

Contactonderzoek gaat bij voorkeur volgens het ringonderzoek. Het is van belang om hierbij een analyse te maken van de risicomomenten voor overdracht van SARS-CoV-2. Denk hierbij aan de contactmomenten in de volgende situaties:

  • Wonen: arbeiders wonen vaak in hetzelfde huis of op dezelfde locatie.
  • Transport naar en van werk: arbeiders worden dikwijls gezamenlijk vervoerd van hun woning naar werk.
  • De fysieke inrichting tijdens het werken, zoals de looproutes, welke ingang de medewerker neemt, de kleedkamers, lunchgelegenheid, rookgelegenheid, wasgelegenheid (met lange rijen/groepsvorming), directe collega’s (bijvoorbeeld zelfde slachtlijn).
  • Bij arbeidsmigranten vragen naar verschijnselen (met klachten blijf je thuis en laat je je testen). Houd rekening met economische motieven om klachten niet te benoemen. Medewerkers kunnen blijven doorwerken met klachten uit angst dat ze niet meer betaald krijgen.

Testbeleid

Aan de hand van de risicomomenten kan onderzoek worden gedaan naar wie de eersteringcontacten met klachten zijn van de index. Bij een positieve COVID-19-test van (een) eersteringcontact(en) wordt het contactonderzoek verder uitgebreid. Er kunnen verschillende keuzes gemaakt worden wie getest wordt, afhankelijk van de mate van verspreiding binnen het bedrijf:

  • de directe collega’s rondom de werkplek van de positieve index;
  • een aselecte steekproef binnen het bedrijf;
  • alle medewerkers met klachten binnen het bedrijf als:
    • de transmissieroute (binnen of buiten het bedrijf) onbekend is;
    • er binnen verschillende eersteringcontactgroepen transmissie heeft plaatsgevonden;
    • de uitbraak aanhoudt ondanks adequate bestrijdingsmaatregelen. 

GGD’en kunnen met de LCI overleggen om tot een keuze te komen. Bij het bedrijf kan de lijst met medewerkers in het bedrijf worden opgevraagd om hieruit vervolgens een aselecte steekproef te nemen, tenzij het bedrijf een eigen teststraat heeft opgezet. Het landelijke beleid voor quarantaine geldt ook hier, waar bij niet-immune contacten de quarantaine na 5 dagen wordt opgeheven indien een werknemer negatief getest is, ongeacht of de medewerker klachten heeft en ongeacht of het een antigeensneltest of PCR-test is. Volg hierin de laatste landelijke quarantaine-adviezen waarin ook onderscheid wordt gemaakt tussen niet-immune  en immune medewerkers. (LCI-protocol bron- en contactonderzoek COVID-19.)

Zoals in het algemeen geldt hier ook lokale uitbraken en mogelijke verspreiding van SARS-CoV-2 binnen de landbouw, voedselindustrie en groothandel beter in kaart te brengen. Het kan zinvol zijn om SARS-CoV-2-positieve monsters van medewerkers te laten sequensen en te analyseren. Hiervoor kunnen de landelijke richtlijnen gevolgd worden, houdt hiervoor de Inf@ct-berichtgeving aan. GGD ’en kunnen voor overleg hierover contact opnemen met de LCI

Melding naar de LCI van een cluster vindt plaats via de automatische clusterrapportage via HPZone.

Maatregelen bedrijf

Bij locatiebezoek door de GGD aan het bedrijf (bij voorkeur samen met een arbeidshygiënist) kunnen de volgende punten meegenomen worden:

  • Bij ziekte thuisblijven.
  • Werken op 1,5 meter afstand (ook bij binnenkomst, handenwassen, omkleden, lunchen, rookpauzes).
  • Voldoende handhygiënepunten.
  • Toepassen van hoest- en handhygiëne.
  • Gezondheidscheck van alle medewerkers bij binnenkomst (zie de factsheet Gezondheidscheck).   
  • Is er een corona-toezichthouder op de werkvloer aanwezig?
  • Gespreide werk- en bloktijden in vaste groepen (bijv. pauze, aankomst).
  • Hoe is het vervoer geregeld, is er voldoende afstand en zijn er niet te veel mensen in een kleine ruimte? Hoe is de huisvesting geregeld van personeel?
  • Hoe is de overdracht van werk tijdens ploegwisseling geregeld?

Maatregelen woonsituatie arbeiders

Thuisisolatie geldt voor iedere index. Niet-immune huisgenoten gaan in strikte quarantaine tot 10 dagen na de laatste blootstelling. 5 Dagen na het laatste contact kan getest worden, bij een negatieve testuitslag mag de quarantaine opgeheven worden. Indien thuisisolatie van de index of thuisquarantaine van de huisgenoten niet mogelijk is en er geen controle is op het opvolgen van de isolatiemaatregelen (zoals groepsvorming buiten huis), dan dient er naar alternatieven te worden gezocht waarbij gecohorteerd wordt. Maatwerk is hierbij nodig.

Bij cohortering kunnen 4 verschillende afdelingen ontstaan:

  • wooncomplex met mensen die negatief getest zijn op SARS-CoV-2 en symptomen vertonen;
  • wooncomplex met mensen die negatief getest zijn op SARS-CoV-2;
  • wooncomplex met mensen die positief getest zijn op SARS-CoV-2 en symptomen vertonen;
  • wooncomplex met mensen die positief getest zijn op SARS-CoV-2 maar asymptomatisch zijn.

In overleg met de uitzendbureaus kunnen alternatieve verblijflocaties gezocht worden (zoals hotel, boot).

Hervatting werkzaamheden

Medewerkers, zowel van het bedrijf als van de NVWA, die tot een categorie van huisgenoten of eersteringcontacten behoren, volgen het beleid voor contacten zoals in de tabel in het protocol  bron- en contactonderzoek COVID-19.

Medewerkers die in het kader van een brede screening van het bedrijf vallen, kunnen doorwerken in afwachting op de testuitslag, uiteraard alleen bij afwezigheid van klachten. Betrek bij de maatregelen rondom hervatting werkzaamheden altijd de bedrijfsarts, werkgever en uitzendbureau(s).

Heropening van het bedrijf, indien het gesloten is geweest, kan met inachtneming van onderstaande punten:

  • Inspectie van genomen maatregelen omtrent afstand houden op de werkplek.
  • Voldoet de ventilatie, let op: soms  kan er sprake zijn van recirculatie van luchtstromen.
  • Staan de fysieke barrièreschermen goed en zijn er genoeg?
  • Dagelijkse gezondheidscheck van de medewerkers aan de poort.
  • Is de bedrijfsarts betrokken bij de heropening en de genomen maatregelen?

Samenwerkingsplatform ‘ Arbeidsmigranten en COVID-19’

  • In dit platform werken de toezichthouders (NVWA, ISZW, gemeenten), veiligheidsregio’s en de GGD’en samen in het voorkomen en beperken van de verspreiding van het SARS-CoV-2-virus binnen/vanuit de doelgroep arbeidsmigranten wonende en/of werkzaam in Nederland.
  • Bij een uitbraak op een bedrijf, woonsituatie of vervoer waarbij arbeidsmigranten betrokken zijn, wordt een melding aan het samenwerkingsplatform geadviseerd om een integrale gecoördineerde aanpak in de bestrijding te realiseren. Melding kan via Lotcamc@ifv.nl

Links

Versiebeheer

  • 11-08-2021: Aanpassing onderscheid immune en niet-immune contacten en toevoeging samenwerkingsplatform ‘Abeidsmigranten en COVID-19'.
  • 25-03-2021: N.a.v. (Lab)Inf@ct 98 d.d.15 februari 2021 is het testbeleid van asymptomatische contacten aangepast en het afnemen van omgevingsmonsters verwijderd, aangezien dit geen toegevoegde waarde meer heeft.
  • 18-12-2020: Aanpassing beleid asymptomaten verwerkt. Mensen die positief getest zijn op SARS-CoV-2 maar asymptomatisch zijn moeten minimaal 5 dagen (was 72 uur) thuisblijven in afwachting op het wel of niet ontwikkelen van symptomen. 
  • 19-08-2020: Op basis van het OMT-advies is de quarantaineperiode bekort van 14 naar 10 dagen, gerekend vanaf het laatste risicovolle contact of moment van mogelijke besmetting. Uit de nieuwste gegevens van het Nederlandse bron- en contactonderzoek blijkt: van alle contacten van een besmette patiënt die later zelf ziek werden, kreeg 99% COVID-19-klachten binnen 10 dagen na het laatste risicovolle contact.
  • 06-08-2020: Eerste versie ongewijzigd gepubliceerd op lci.rivm.nl als bijlage bij de richtlijn COVID-19
  • 19-06-2020: Eerste versie gepubliceerd op Viadesk